Het wereldberoemde beeldhouwwerk van de Bijbelse figuur David, van de hand van de Italiaanse kunstenaar Michelangelo, zou kunnen barsten en instorten als gevolg van de massale blootstelling van toeristen. Dat zeggen Italiaanse experts. Vier jaar geleden werd David – ter ere van zijn 500ste verjaardag – volledig gerestaureerd. Daarbij werden ook enkele barstjes opgevuld maar die zijn nu al opnieuw opengescheurd. Voor het beeld werd ook marmer van een mindere kwaliteit gebruikt. Het zit bovendien vol microscopisch kleine gaatjes, waardoor het sneller verweert dan andere marmersoorten. Reden genoeg voor specialisten om zich zorgen te maken. Volgens de experts is het beeld in gevaar door zijn vorm, grootte (5,17 meter, inclusief het voetstuk) en de zwakheid van de steen waaruit het werd gebeeldhouwd. Het grootste risico komt volgens de onderzoekers echter van de trillingen die worden veroorzaakt door de voetstappen van de toeristen die dagelijks het beeld passeren in de Galleria dell’Accademia in Florence. De experten willen het Renaissance-meesterwerk nu afsluiten van mogelijke vibraties. Die operatie zou minstens een miljoen euro gaan kosten.
Het beeldhouwwerk David behoort tot de bekendste werken van Michelangelo. Het marmeren beeld (gerealiseerd in de periode 1501-1504) is een hoogtepunt uit de Renaissance en toont de Bijbelse figuur David terwijl hij op het punt staat de reus Goliath aan te vallen. Het werd gemaakt in opdracht van de Florentijnse edelman Piero Soderini. Naar verhouding is het bovenlichaam te groot, waarschijnlijk omdat het werk bedoeld was om op een hoge piëdestal geplaatst te worden. Oorspronkelijk stond het buiten, op de Piazza della Signoria voor Palazzo Vecchio in Florence. Om het beter te beschermen werd het werk in 1873 naar de Accademia verplaatst. Op de Piazza staat sinds 1910 een replica. In 1501 kreeg Michelangelo de opdracht om een beeld van David te maken voor een binnenpijler in de dom. De vooruitzichten waren niet gunstig: het materiaal was een marmerblok dat volslagen onbruikbaar werd geacht omdat het al tientallen jaren eerder ‘verhakt’ was. ondanks dat was het beeld in 1504 voltooid, en werd het, in afwijking van het oorspronkelijke plan, als eerste meer dan levensgrote figuur sinds de Oudheid voor het Palazzo Vecchio geplaatst. De gestalte van de bijbelse held David die de machtige Goliath in de strijd verslagen had, kreeg hiermee een politieke betekenis. Het beeld werd het zinnebeeld van de vrijheidslievende, republikeinse mentaliteit van de stad.
Het is al langer bekend dat de oorspronkelijke blok marmer van de David een afdankertje was van matige kwaliteit en afkomstig was uit één bepaalde groeve bij het Toscaanse Carrara. Dat bleek enkele jaren geleden uit onderzoek van het Istituto di Struttura della Materia in Rome dat in het Journal of Archaeological Science werd gepubliceerd. Tot toen was uit geschreven bronnen alleen bekend dat het marmer uit de omgeving van Carrara kwam, een gebied vol marmergroeven. De Italiaanse wetenschappers hadden genoeg aan een monster van 120 milligram om precies vast te stellen waar het marmer vandaan is gekomen. Het monster was afkomstig van de tweede teen van de linkervoet, die in 1991 bij een aanval door een vandaal met een hamer beschadigd was geraakt. Het instituut heeft de voorbije jaren een uitgebreide databank van verschillende soorten marmer opgebouwd. Na het toepassen van ondermeer isotopenonderzoek en resonantiespectroscopie kwamen de onderzoekers tot de conclusie dat het marmer afkomstig is uit de Fantiscritti-groeve in Miseglia, de middelste van drie kleine valleien bij Carrara. Dat betekende het einde van een andere theorie, dat het marmer afkomstig zou geweest zijn uit Seravezza in de Apuaanse Alpen, waar Michelangelo enkele jaren heeft gewerkt.
Het was reeds geweten dat Michelangelo voor zijn beroemde beeld gewoon een brok marmer heeft gebruikt dat toevallig voorhanden was. Het vijf meter hoge blok was midden vijftiende eeuw uitgehakt voor Agostino di Duccio, die een enorm beeld voor de Dom van Florence wilde maken. Toen dat hem niet lukte, bleef het marmer tien jaar ongebruikt liggen. Ook de volgende beeldhouwer, Antonio Rossellino, gaf het al snel op. Pas dertig jaar later, in 1501, sloot Michelangelo een contract om uit het voor hem gratis stuk marmer een beeld te houwen, zonder het kleiner te maken of onderdelen van een ander soort marmer toe te voegen. Jaarlijks komen 1,2 tot 1,4 miljoen toeristen naar het beeld kijken.
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 22 september 2008. Bekijk het origineel.

