Chiaroscuro

Gastbijdrage

Net zoals bij vele Italianen maakte het overlijden van de Argentijnse voetballer Diego Maradona iets los bij leerkracht geschiedenis Jan Swinkels. Als voetballer, historicus en (Italiaanse) kunstliefhebber – allen op bescheiden niveau – schreef hij voor ons het onderstaande stukje.

*****

Chiaroscuro

Het zijn harde tijden voor de kunst; de musea zijn hermetisch afgesloten, zelfs de barokke parels in Antwerpen waar je altijd terecht kon voor wat rust en Rubensiaanse schoonheid zijn potdicht en de artistieke vakken in het middelbaar onderwijs lijken veroordeeld tot een zwanenzang. Daar kwam enkele dagen geleden nog eens het nieuws van het overlijden van Diego Maradona bovenop.

Misschien zullen vele kunstliefhebbers zich over de laatste zin verbazen. ‘Was Maradona niet die ordinaire en allesbehalve gecultiveerde man die ooit een groot voetballer was? Je weet wel, zo iemand die op zondag tegen een balletje schopt en daar nog eens dik voor betaald krijgt?’.

Er zijn er nochtans velen die Maradona beschouwen als een creatief genie, een schepper van Schoonheid en hem zelfs het predicaat ‘goddelijk’ toedichten. Dit doet bij een doorsnee Italofiel en kunstliefhebber (twee aandoeningen die vaak samen voorkomen) een belletje rinkelen: spraken tijdgenoten niet over de geniale alleskunner Michelangelo, wiens beroemdste werk een daad van schepping voorstelt, en zijn hypergetalenteerde en immer charmante tijdgenoot Rafael, als ‘il Divino’?

En toch loopt elke vergelijking tussen Maradona en deze coryfeeën van de renaissance mank: Michelangelo was een diepgelovige en norse asceet die leefde voor zijn vak en tot op het einde van zijn lange leven alles ten dienste stelde van zijn kunst, Rafael bewoog zich met de nodige sprezzatura in de allerhoogste kringen en werd door zijn vriend Castiglione beschouwd als het prototype van de ideale hoveling: gemanierd, galant en gecultiveerd.

(In mijn verbeelding hoor ik nu een zucht van opluchting weerklinken in menig met duren kunstboeken gestoffeerd bureau, net zoals wanneer de scheidsrechter een goal van de bezoekende ploeg afkeurt wegens buitenspel in een pakweg volgepakt Stadio San Paolo).

Veeleer dringt een andere vergelijking zich op. De Italofiel en kunstliefhebber weet natuurlijk al meer. Hij of zij werd door de titel van dit stukje aangetrokken zoals de Griekse mannen door het onweerstaanbare gezang van de Sirene Parthenope totdat de schrandere Odysseus een manier vond om hier aan te ontsnappen, zij haar magische kracht verloor, zich in zee stortte, verdronk en aan land aanspoelde waar zij begraven werd (U mag één keer raden welke stad daar zou verrijzen).

In een nogal aparte tentoonstelling in Napels over krankzinnigheid en kunst werd, in aanwezigheid van werken van Goya en Bacon, ook de linkervoet van ‘San Diego’ tot kunstwerk verheven, compleet met klassieke 17de-eeuwse gouden lijst en al. Bij de opening in 2018 verklaarde curator Vittorio Sgarbi zich nader: “Maradona è il Caravaggio del Novecento. E io lo porto in un museo”.

Caravaggio dus. Natuurlijk. Dit enfant terrible liet zich maar moeilijk scholen, hield er een liederlijke levenswandel op na in de Romeinse kroegen en bordelen, moest meer dan eens op de vlucht voor de autoriteiten en stierf op jonge leeftijd berooid en aan lager wal geraakt. Het nachtleven in de Napolitaanse discotheken, de vlucht van het Argentijnse godenkind voor de Italiaanse fiscus en het gerecht en de tragische neergang na zijn carrière lijken wel echo’s uit de 17de eeuw.

Maar door enkel te focussen op het leven naast het atelier of het voetbalveld doe je de twee woelwaters niet alleen groot onrecht aan, je mist zo ook waar het eigenlijk bij beiden om draaide. Caravaggio schilderde in een tijd waarin de Kerk koortsachtig op zoek was naar een nieuwe kunst om de kloof met het volk te dichten.

Anders dan bij Rafael en zijn renaissance tijdgenoten speelden zijn Bijbelse onderwerpen zich niet meer af tegen een prachtige en rustgevende natuur of in een poepsjieke Romeinse villa, maar in een groezelige herberg (Roeping van Mattheus), op de drempel van een bouwvallig huisje (Madonna van Loreto) of in een onguur Napolitaans steegje (Zeven werken van barmhartigheid) en waren zijn heiligen geen perfect geproportioneerde en uiterst knappe supermensen in het gezelschap van schattige engeltjes, maar van vlees en bloed, met vuile voeten en al (Kruisiging van Petrus), in aanwezigheid van echte mensen, arme zondaars. Zo gaf hij het gewone volk het gevoel dat ze er bij hoorde. Zijn kunst was dubbelzinnig, sacraal en aards tegelijk.

Zo ook Diego Maradona, die in de kwartfinale tegen Engeland op het WK van 1986 in Mexico (de Falklandoorlog lag nog vers in het geheugen) als een volleerd straatschoffie eerst met de ‘hand van God’ de bal in doel werkte om amper vier minuten later met een onwaarschijnlijke dribbel langs vijf Engelsen het mooiste doelpunt uit de voetbalgeschiedenis te maken. De commentator werd gek en het Argentijnse volk had haar revanche beet.

Ook in Napels maakte hij zich onsterfelijk. Net zoals het niet elke dag gebeurde dat met Caravaggio een groot kunstenaar uit het rijke Rome afzakte naar het arme Mezzogiorno en er schilderijen vervaardigde die konden wedijveren met die in de Romeinse kerken, was het niets minder dan een mirakel dat een wereldvoetballer de voetbaltempel van Camp Nou ruilde voor het aftandse Stadio Sao Paolo. Maradona werd er als de Messias onthaald en stelde niet teleur. Hij gaf de door het rijke noorden beschimpte en vernederde Napolitanen immers opnieuw een gevoel van trots en eigenwaarde door in 1987 met zijn gouden linker de scudetto van het met spandoeken vol beledigingen (‘Lavate vi!’ ‘Ga jullie wassen!’) ‘versierde’ San Siro in Milaan of stadio delle Alpi in Turijn naar het Zuiden te brengen.

De Britse kunsthistoricus Andrew Graham-Dixon schreef aan het einde van zijn uitstekende biografie over Caravaggio: “Zijn uitermate sensationele privé-leven, zijn vele misstappen en misdrijven, zijn afwijkingen en buitenissigheden hebben hem tot een beroemdheid gemaakt. Maar zijn diepere aantrekkingskracht is nog steeds die van zijn kunst”. Ik denk over Maradona hetzelfde. Een donkere dag voor de kunst. Scuro.

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 1 december 2020. Bekijk het origineel.