De geur van verse kastanjes

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Sommige mensen zijn er dol op, anderen vinden het maar niets. De gewoonte om gepofte kastanjes te verkopen in de Romeinse straten is hoe dan ook al honderden jaren oud en blijft mensen blijkbaar fascineren. We krijgen er vreemd genoeg regelmatig vragen over. De kastanjes zijn momenteel lekker vers, al kan je ze aan de Romeinse kraampjes tegenwoordig tot ver in het voorjaar kopen. Voor sommige verkopers lijkt de herfst nooit te eindigen. De kastanjeboom komt oorspronkelijk uit het verre oosten en werd in de oudheid door de Romeinen ook in onze streken verspreid. In Japan en China was de tamme kastanje al bekend lang voordat de Romeinse legioenen er in het Middellandse Zeegebied mee in aanraking kwamen. De gewoonte om gepofte kastanjes te verkopen dateert uit de 16de eeuw. In Rome is het een miljoenenbusiness die gecontroleerd en gemonopoliseerd wordt door slechts een paar families. Die houden de verkoop in de binnenstad angstvallig in eigen handen en dulden geen inmenging. Voor het werk op straat wordt een compleet netwerk van vooral Aziatische verkopers ingezet.

In Rome steeg de voorbije weken vanop de straathoeken weer de bijzondere geur omhoog van gepofte verse kastanjes. Die tref je tegenwoordig ook in andere periodes van het jaar steeds vaker aan, maar momenteel zijn ze supervers. In de meeste boeken over bomen en planten staat de kastanje beschreven, want het is een soort die veel voorkomt. Minder bekend is dat de tamme kastanje ongeveer 2000 jaar geleden met de Romeinen is meegekomen naar onze gewesten. Ondanks haar Romeinse verleden heeft de kastanje het ook best naar haar zin bij ons, want de boom is echt algemeen in grote delen van West-Europa. In tegenstelling tot het algemeen geldende idee is de tamme kastanje helemaal niet verwant met de paardenkastanje. Die laatste behoort tot de paardenkastanjefamilie. De tamme kastanje maakt samen met de beuk en de eik de beukenfamilie of napjesdragers compleet.

De bladeren zijn groot, enkelvoudig en scherp getand. Het zijn goede humusvormers. De vrouwelijke bloemen staan apart in de onmiddellijke buurt van de mannelijke. Maar ze zijn veeleer onopvallend en veel kleiner in aantal. De bestuiving gebeurt zowel door de wind als door insecten. Daaruit komen dan de bekende vruchten voort die omgeven zijn met bolsters. Die bevatten honderden erg scherpe stekels die ontstaan uit het bloemomwindsel. Een kastanjeboom kan jaarlijks zowat 200 kg vruchten geven en meer dan 500 jaar oud worden. De vruchten van de tamme kastanjes zijn eetbaar voor de mens, die van de paardenkastanje niet. Die laatste zijn wel een lekkernij voor onder meer everzwijnen. Italianen weten al eeuwen dat deze het vlees van die dieren zelfs een typische smaak geven. Dat is de reden waarom gekweekte everzwijnen ook paardenkastanjes krijgen als voer. De tamme boomsoort is warmteminnend en verdraagt dus hoge zomertemperaturen. De kastanjes hebben in oktober nog een temperatuur nodig van een 15-tal graden om mooi te kunnen afrijpen.

Niet zover van Rome, in Paganico Sabino (Rieti) worden ieder jaar zelfs kastanjefeesten gehouden. In het eerste weekend van november organiseren de amper 200 inwoners een groots en meerdaags herfstfeest, volledig gewijd aan de kastanje. Het festival lokt talrijke toeristen naar het kleine dorpje. Alles en natuurlijk vooral het voedsel, staat dat weekend in het teken van de kastanje. Zelfgemaakte pasta en worst met kastanje, bruschetta met kastanje, kastanjesoep met kikkererwtjes, kastanjepuree, ravioli of risotto met kastanje, taart met noten, rozijnen en kastanjes, balletjes vervaardigd uit gekookte kastanjes, je kan het zo gek niet bedenken of een lokale creatieve kok zet het op tafel. Uniek aan de streek rond Paganico is dat er op een relatief kleine oppervlakte meer dan één soort kastanjes wordt aangetroffen die elk een specifieke, typische smaak hebben. Een marrone di antrodoco smaakt bijvoorbeeld heel anders dan een rossa del cicolano. De smaken varixebren van delicaat zoet tot bloemig en zelfs eerder bitter. Dat maakt van de kastanje een zeer veelzijdige vrucht, geschikt voor zowel hartige als eerder zoete bereidingen.

De beste groeiplaats voor de tamme kastanje zijn vooral vochtige maar goed doorlaatbare gronden die niet van het te zware type (zoals klei) zijn. Kalk in de bodem heeft de boom niet zo graag. In lanen kunnen de bomen wel dertig meter hoog en vele honderden jaren oud worden. De soort overleeft zowel in volle zon als in de schaduw. Daar bloeit ze echter niet en zet ze uiteraard geen vrucht. De groei blijft er meestal ook beperkt tot een struikvorm. De penwortel van uitgegroeide exemplaren gaat diep in de grond en kan zich goed verankeren. Dat is de reden waarom de soort zelden omwaait, zelfs bij hevige storm. Struikvormige exemplaren waaien in de late herfst wel eens uit wanneer ze in te vochtige grond staan. Ze houden de bladeren laat aan de takken en vormen daardoor een oppervlak waarop de wind een stevige greep heeft.

Kastanjehout wordt dikwijls gebruikt voor de aanmaak van houtskool. Voor de open haard is het minder geschikt, want het spat tijdens het branden. Tegenwoordig is het erg in trek voor duurzame toepassingen. Afsluitingen van weiden, duigen van wijnvaten, hoepels, telefoonpalen, meubels en zelfs roeispanen,… Dat komt omdat kastanjehout tegelijk sterk, hard en elastisch is waardoor het niet makkelijk rot. Kastanjes hebben een hoge voedingswaarde, ze bestaan uit 44% zetmeel, 4% suiker en 2% vet. Ook zitten ze vol met vitamine A, C en vitamines uit de B-groep, B12 is er een van. Aan mineralen bevatten ze natrium, kalium en fosfor. Verder vind je ondermeer ook nog calcium, magnesium, ijzer, koper en mangaan in de kastanje. Het verschil met de meeste andere nootachtigen is dat kastanjes minder vet, meer zetmeel en als enige vitamine C bevatten.

Van de bladeren wordt weleens thee gezet die in de volksgeneeskunde wordt gebruikt om aandoeningen zoals bronchitis, astma en andere problemen met de ademhalingsorganen te genezen. De schors en het hout worden door hun hoge tannine percentage (10%) gebruikt als middel om bloedingen of vochtafscheiding van huid of slijmvlies tegen te gaan.

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 4 januari 2012. Bekijk het origineel.