Een kijkje achter de schermen van de souvenirwinkels in Rome – Deel III

souvenir 4 1

Dit is het derde deel van een miniserie over de ongebreidelde opkomst van kitscherige souvenirwinkels en minimarkten in het historische centrum van Rome.

Steeds vaker worden in Rome panden opgekocht waarna die transformeren tot de zoveelste souvenirwinkel, minimarkt of automatenshop. Ze ontsieren het door Unesco beschermde historische centrum van Rome. Het stadsbestuur van Rome kondigde nieuwe wetgeving aan om het probleem aan te pakken.

De systematische benadering van winkeliers, de snelle overname van traditionele en ambachtelijke winkels in het historische centrum van Rome, de onophoudelijke invulling van leegstaande panden met steeds dezelfde saaie rommelige souvenirs, de grootschaligheid en de gelijkmatige manier van aanpak, wijzen er op dat er een goed georganiseerd systeem achter deze manier van werken zit.

Het geheel blijkt inderdaad te worden gestuurd door een onzichtbare organisatie die achter de schermen verblijft en gebruik maakt van enkele stromannen die ‘in het veld’ de zaken behartigen. Het is niet gemakkelijk uit te vissen wie het zijn en hoe ze werken.

Eén van de belangrijkste stromannen is een voormalige rozenverkoper, één van de honderden die in Rome rondlopen om aan terrassen en op drukke plekken bloemen aan toeristen te slijten. Hij wil zijn naam in geen geval vertellen. We zullen hem hier de Rozenman noemen.

De kerel kwam ongeveer dertig jaar geleden vanuit Bangladesh naar Rome en begon zijn carrière als illegale straatverkoper van sjaals, rozen en paraplu’s. De eerste jaren verdiende hij amper genoeg om eten te kopen. Dan mocht hij voor ‘een baas’ een kleine winkel openen. Op de vraag wie die baas is, volgt enkel stilzwijgen.

De Rozenman bleek een slimme jongen en won vrij snel het vertrouwen van zijn mysterieuze baas. Al gauw volgde een tweede en een derde winkel. Dan kwam er een zaak met afhaalpizza bij. Nieuwe minimarkten, bierwinkeltjes en souvenirshops volgden, samen met internetpunten, automatenshops en wassalons.

souvenir (14)

Vandaag beheert de Bengaal in Rome een netwerk van ruim vierhonderd winkels. De Rozenman runt zijn zaken vanuit een bar in Centocelle waar een achterkamer dienst doet als kantoor. Op tafel staat een krachtige computer waarmee alle zaken worden opgevolgd.

Alle winkels uit het netwerk staan op een digitale kaart. In een afzonderlijke kolom naast het stadsplan van Rome staan de winkelactiviteit en de adressen, namen en contactgegevens van de respectievelijke winkeluitbaters.

De computer is niet aangesloten op het internet, waardoor hacken op afstand onmogelijk is. De computer en de software zijn zwaar beveiligd, niet enkel met wachtwoordverificatie, maar ook met een irisscanner. De Rozenman is enkel bereikbaar via één van zijn drie mobiele telefoons. Geen smartphones, maar goedkope Nokia’s waarmee je urenlang kan bellen.

souvenir (25)

Nochtans gebeurt de communicatie tussen hem en de winkeluitbaters, vaak andere Bengalen, Aziaten of ook weleens een Afrikaan, nooit met een mobiele telefoon. Gesprekken worden in principe gevoerd via speciale chatboxen en WhatsApp-berichtjes.

Eén mobieltje is een exclusieve verbindingslijn naar de baas. Dat is de enige die het nummer van dat toestel heeft. De Rozenman kan er zelf niet mee telefoneren, de baas belt hem als het nodig is. Wie er achter de schermen van deze overduidelijke stroman zit, is officieel niet geweten, al zijn er natuurlijk wel sterke vermoedens. Hoeveel van dergelijke stromannen in Rome actief zijn is evenmin geweten.

Zoals je gisteren kon lezen, geldt sinds juni vorig jaar officieel een verbod op het openen van dergelijke goedkope winkels. De opkomst is wel vertraagd, maar gaat in de praktijk gewoon voort. Wie een minimarkt of prullariawinkel wil openen komt via via doorgaans snel in contact met het netwerk van de Rozenman en zijn opdrachtgever(s).

souvenir (23)

De eerste vraag van de Rozenman is hoeveel geld de toekomstige winkelier zelf kan inbrengen. Doorgaans is dat weinig of niets. Dat hoeft geen probleem te zijn.

De kandidaat-winkeluitbater wordt gewoon ingelijfd bij het netwerk en zal later een aanzienlijk deel van de opbrengst moeten afstaan. Er wordt een pand gezocht, er vertrekt een Segnalazione Certificata di Inizio Attività (SCIA) naar het stadsbestuur en de zaak kan starten.

Rome telde pre-corona en voor zover geweten, ongeveer 14.000 kleine ondernemers, dat is tenminste het aantal dat geregistreerd is bij de Kamer van Koophandel. Een aanzienlijk deel van hen zijn volgens de officiële cijfers minimarkten, winkels met drankautomaten, internetpunten, souvenirshops, …

Het werkelijke aantal ligt waarschijnlijk nog een stuk hoger. Hoeveel van deze winkels illegaal open zijn of activiteiten uitoefenen die eigenlijk niet toegelaten zijn omdat ze weinig of geen controles krijgen, weet niemand.

souvenir (12)

Om de winkel open te houden, vaak is dat 24 op 24 uur of tenminste tot diep in de nacht, is echter ook personeel nodig. Dat is evenmin een probleem.

De Rozenman kan desgewenst wel wat mensen voor de toekomstige uitbater vinden. Mits het afdragen van paar extra procentjes natuurlijk. Als de kandidaat-winkelier zelf wat geld heeft, zijn er bijkomende opties mogelijk en mag hij ook vrienden of familie inzetten om de winkel te helpen uitbaten.

De inkomsten variëren volgens de ligging van de zaak. Als zich in één straat verschillende soortgelijke, haast identieke zaken bevinden, dalen uiteraard de inkomsten. Maar dat maakt de Rozenman helemaal niets uit.

Hoe de verkoop loopt interesseert hem niet. Op het einde van de maand moet hoe dan ook een vast bedrag worden betaald. Anders vliegt de uitbater eruit en komt er iemand anders in de plaats. Hoe de winkelier dat klaarspeelt, is niet het probleem van de Rozenman.

souvenir (16)

Dat soms verschillende souvenirshops vrijwel naast elkaar in dezelfde straat worden gevestigd, heeft meestal gewoon te maken met de beschikbare panden die kunnen overgenomen worden.

Waar die zich bevinden is voor het netwerk van de Rozenman van weinig belang, het gaat er uitsluitend om dat ze geld opbrengen, hetzij door de verkoop, hetzij door de maandelijkse schuldaflossingen van de winkeluitbaters.

Het gebeurt ook dat een winkel wordt gekocht of overgenomen, maar dat de oude eigenaar gewoon in zijn zaak actief blijft. Hij maakt vanaf dan ook deel uit van het systeem, al is hij er financieel natuurlijk veel beter aan toe omdat hij flink wat geld heeft ontvangen om zijn zaak af te staan.

Of het niet jammer is dat alsmaar meer gewone winkels verdwijnen en er zoveel souvenirshops in de stad bijkomen? Grote vissen eten nu eenmaal kleine vissen, filosofeert de Rozenman.

souvenir (27)

Hoeveel geld brengt een doorsnee winkel nu eigenlijk op? Na enig aandringen komen er enkele cijfers naar boven. Die blijken verrassend hoog te liggen, tenminste in normale tijden.

Door het wegblijven van de grote massa toeristen kregen ook de prullariazaakjes financiële klappen. De Rozenman blijft vaag over de manier waarop de honderden souvenirshops de crisis overleefd hebben.

De nachtshops en winkels gevuld met drankautomaten brengen het meest op. Vooral bier en sterke dranken zijn goed voor een aanzienlijk deel van de inkomsten. Die vormen dan ook het hoofdaanbod. De rest van de rekken en de automaten worden gevuld met alledaagse goederen, voornamelijk als camouflage, want er wordt in hoofdzaak drank verkocht.

Ook dat probleem wil het stadsbestuur aanpakken, want de overal vrij verkrijgbare alcoholische dranken zorgen in het nachtelijke uitgaansleven voortdurend voor problemen met dronken jongeren.

Wie tot laat op de avond openblijft tot vrijwel alle gewone bars gesloten zijn (en de meeste uitbaters doen dat wel), verdient gemakkelijk 400 tot 500 euro per dag. Dat is gemiddeld 15.000 euro per maand.

souvenir (10)

Souvenirwinkels brengen iets minder op, maar het is verbijsterend hoeveel van de miljoenen toeristen die Rome in normale tijden jaarlijks ontvangt, toch met dergelijke prullaria naar huis blijken te gaan. Opbrengst: gemiddeld 7.000 tot 10.000 euro per maand, ook alweer afhankelijk van de ligging van de winkel. Op toplocaties verdubbelt dat bedrag.

De spullen (souvenirs, drank, …) die in de winkels worden aangeboden moeten door de winkelier verplicht worden afgenomen van het netwerk van de Rozenman. Die ‘dienst’ kost de winkeluitbater maandelijks twee derde van zijn inkomsten. Wie 15.000 euro binnenkrijgt moet daar dus 10.000 euro van afstaan, in ruil voor de goederen die tot ze verkocht zijn eigendom van de Rozenman blijven.

De Rozenman pakt ook nog eens het huurgeld en eventueel het vergoedingspercentage voor het geleverde winkelpersoneel. Daarvoor telt de winkelier gemiddeld nog eens 3.000 euro neer. De overblijvende som, 2.000 euro, is voor hemzelf. De uitbaters, vrijwel altijd immigranten, zijn daar doorgaans erg blij mee.

souvenir (28)

Winkeliers die een probleem hebben, kunnen de Rozenman altijd contacteren voor hulp. Vaak hebben ze meer geld nodig. Dat wordt meestal vlot verstrekt in de vorm van een bijkomende lening.

Soms raken uitbaters in de problemen. Hun scooter is kapot. Ze kunnen geen rekening openen bij de bank. Er is een probleem met hun verblijfsvergunning. Ze willen hun vrouw naar Rome laten komen. De kinderen hebben niet de juiste papieren om naar school te kunnen gaan. Ze zouden graag trouwen maar missen een cruciaal document.

De Rozenman lost het allemaal op. Hij bemiddelt tussen de betrokkenen, bezorgt wat nodig is en laat de problemen gegarandeerd verdwijnen. Mits betaling in cash en als er geen geld beschikbaar is, na het afstaan van een extra procentje van de inkomsten.

Voor het netwerk is het vooral belangrijk dat de winkels open blijven. Een gelukkige uitbater zonder problemen is meestal een goede uitbater, zegt de Rozenman. Het geld moet blijven binnenstromen. Kleine dagelijkse probleempjes mogen die toevoer niet afremmen.

souvenir (17)

De operationele dienst van de Guardia di Finanza in Rome kent het fenomeen en het netwerk, heeft het in de loop der jaren grotendeels in kaart gebracht en voert de controles systematisch op.

Nu en dan worden razzia’s uitgevoerd in winkels. Maar die aanpak loont niet echt. Meestal hebben de winkeliers hun boekhouding niet bijgewerkt of verkochten ze spullen zonder het bonnetje met de rekening mee te geven aan de klant.

Dat zijn relatief kleine vergrijpen, waardoor ze er meestal vanaf komen met een boete of een waarschuwing. Als er echt zware overtredingen worden vastgesteld, kunnen de winkels meteen door de Guardia di Finanza worden gesloten, zij het voor slechts één maand. Voor de Rozenman en zijn opdrachtgever(s) is dat een aanvaardbaar verlies.

Nu er nieuwe wetgeving op komst is, breekt een volgende fase aan in de strijd tegen de souvenirwinkels en minimarkten. Het stadsbestuur wil in het historische centrum vooral kwaliteitswinkels die aan een aantal criteria voldoen.

Volgens geruchten zou de Rozenman zich in de toekomst in de politiek willen lanceren. Kwestie van nog betere relaties te kweken en wellicht ook om een hoger niveau in zijn schimmige sector te bereiken. Als het ware een opstapje naar het echte machtscentrum, de plek waar de echte controle over de souvenirbusiness gebeurt.

In Rome wonen naar schatting ongeveer 16.000 Italianen van Bengaalse afkomst met stemrecht. Hoeveel anderen illegaal in de stad verblijven weet niemand. Maar velen van hen zijn schatplichtig aan de Rozenman. Een verkozen plekje in de gemeente- of regionale raad lijkt dus gegarandeerd zodra hij zich verkiesbaar stelt.

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 19 april 2022. Bekijk het origineel.