Indien de Europese Commissie haar zin had gekregen, zouden er vanaf volgend jaar niet langer karafjes of hervulbare flesjes olijfolie op de tafels van onze restaurants hebben gestaan. Europa wilde dat er voortaan enkel olijfolie met een kwaliteitslabel werd geserveerd. Consumenten zouden met de maatregel zeker zijn van de kwaliteit en de echtheid van de olijfolie, luidde de redenering. De maatregel is na veel protest en zware druk, ondermeer van de consumenten zelf, inmiddels alweer afgevoerd. Het verbod zou ook onzinnig zijn. Wat is er mis met de verse olijfolie die een boer rechtstreeks uit zijn boomgaard perst en vervolgens distribueert in een aantal plaatselijke restaurants? Dat gebeurt op duizenden plaatsen. Overigens, wanneer een klant de olijfolie in zijn restaurant niet lekker vindt zal hij die wel laten staan.
En hoe zou Europa hebben belet dat restaurantuitbaters een fles olijfolie van een uitstekend merk opnieuw vullen met gewoon of zelfs minderwaardig spul? Een etiket dat de echtheid en kwaliteit van de olijfolie garandeert stelt hier niets voor. In dat geval zou men al moeten gaan werken met verzegelde flessen, waarbij elke klant telkens een nieuwe fles moet krijgen. De rekening van een restaurantbezoek zou snel oplopen! De Europese Commissie kreeg zware kritiek op het olijfolieplan. Begrijpelijk, want in plaats van de consument te beschermen zoals in alle naïviteit werd gedacht, zou men met deze maatregel de horecasector en de vele goedmenende olijfboeren financieel nog wat dieper in het dal hebben geduwd. Het is het zoveelste voorbeeld van ondoordachte regeldrang die op termijn nergens toe had geleid. Maar gelukkig is het plan dus afgevoerd, hopelijk voorgoed. België is het negende land qua jaarlijks verbruik van olijfolie in de Europese Unie, met 1,2 liter per inwoner.
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 26 mei 2013. Bekijk het origineel.

