Op een congres aan de Universiteit van Valencia drongen wetenschappers aan op bijkomend onderzoek naar de oorsprong van de kelk die in de kathedraal van de Spaanse stad Valencia bewaard wordt. Die werd gemaakt in Palestina, Syrië of Egypte tijdens de periode van de vierde eeuw voor tot de eerste eeuw na Christus. In de dertiende en veertiende eeuw werd de kelk versierd met stenen. De oudste teruggevonden niet-Bijbelse vermelding van deze beker zou te vinden zijn in een Romeinse canon uit de tweede eeuw na Christus. Volgens de Spaanse overlevering bracht de apostel Petrus de kelk van het Laatste Avondmaal mee naar Rome en werd hij in 258 door de martelaar Laurentius in Spanje in veiligheid gebracht. De inwoners van Valencia geloven uiteraard dat zij de enige echte ‘Heilige Graal’ bezitten. Omdat de kelk een belangrijke stempel gedrukt heeft op de geschiedenis en de literatuur noemen de wetenschappers hem een van de kostbaarste schatten van het christendom. Zelfs als wetenschappelijk onderzoek de authenticiteit daarvan zou weerleggen…
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 1 december 2008. Bekijk het origineel.

