Het Mausoleum van Monte del Grano is eigenlijk het graf van Alexander Severus

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Volkomen onbewust van de geschiedenis spelen kinderen onder het wakende oog van hun ouders in het kleine park aan Piazza dei Tribuni in de wijk Quadraro (Municipio Roma V) in Rome. Hier ligt onder een grote heuvel, begroeid met struikgewas en bomen, een majestueus graf verborgen. Het Mausoleo di Monte del Grano is tegenwoordig de populaire naam voor de begraafplaats van Severus Alexander en één van de meest indrukwekkende nog bestaande graven uit de oudheid.

Na het mausoleum van Augustus (vandaag helaas nog altijd een sombere en verwaarloosde site waarvan de restauratie maar niet in gang raakt) en de tombe van Hadrianus (de huidige Engelenburcht) geldt de Monte del Grano als het derde belangrijkste mausoleum van Rome. Het is ongetwijfeld ook het minst bekende.

De naam Monte del Grano is waarschijnlijk afkomstig van de vorm die de heuvel kreeg na de verwijdering van de blokken travertijn in 1387. Het geheel leek toen wat op een omgekeerde graanschep, de eenheid waarmee destijds de tarwe werd afgemeten. De heuvel is zo’n 12 m hoog en ligt enigszins verborgen tussen de moderne gebouwen die omstreeks 1970 in deze omgeving werden opgetrokken. Het mausoleum wordt ook weleens omschreven als Monte di Onorio of Monte Nori.

Een lange corridor van zowat 21 m leidt tot in een cirkelvormige grafkamer van zowat 10 m doorsnede, bedekt met een gewelfd plafond. De kamer was oorspronkelijk verdeeld in twee verdiepingen die in de loop der tijden zijn ingestort. Op het bovenste gedeelte bevond zich een kleinere kamer op het punt waar de toegang leidt naar de eigenlijke grafkamer. Die kleinere kamer was blijkbaar niet toegankelijk, het doel ervan is onduidelijk.

De ventilatie en verlichting van het graf waren verzekerd door twee dakramen. Die werden later vervangen door een verticale schacht bedekt met bakstenen en een dakraam dat het licht direct naar de grafkamer bracht.

In de middeleeuwen bevond zich rond het mausoleum een uitgestrekt landgoed en begon ook hier een periode van steenroof, bouwkundig knoeiwerk en verval. Het domein veranderde verschillende keren van eigenaar. Een aantal travertijnen blokken diende als bouwstof voor andere projecten en werden vermalen tot gruis.

Een verloren gegane inscriptie maakte in 1505 zelfs melding van het herstel van een toren op de berg. Dat gebeurde door Antonio Alberti. Die toren bleef ettelijke eeuwen staan maar werd in januari 1900 door een storm verwoest. Ook Piranesi heeft in zijn tijd de toren gezien en getekend.

Piranesi, die het mausoleum omschreef als ‘één van de mooiste voorbeelden van Romeinse grootsheid’, tekende in de achttiende eeuw een kaart, een dwarsdoorsnede, waarbij een corridor verbonden werd met twee andere doorgangen, waarvan er eentje zou leiden tot een ondergrondse kamer. Opgravingen die hier in 1991 werden uitgevoerd konden het bestaan van deze ondergrondse ruimte echter niet bevestigen.

Het is evenmin duidelijk hoe de uiterlijke kenmerken van het graf er precies hebben uitgezien. Het mausoleum zou alleszins omgeven zijn geweest door een ronde trommel samengesteld uit meerdere rijen van blokken travertijn. Die kwamen aan het licht in 1969 tijdens de aanleg van het openbare park Monte del Grano waarin de grafheuvel werd geïntegreerd, vandaag het Parco XVII Aprile 1944.

De enorme en schitterende marmeren sarcofaag die omstreeks 1500 in het mausoleum werd ontdekt bevindt zich nu in de Capitolijnse musea. Het beeldhouwwerk op de sarcofaag bevat ondermeer scènes uit het leven van Achilles, het deksel heeft de vorm van een bed. Er worden ook een mannelijke en een vrouwelijke figuur afgebeeld.

Inscripties verwijzen naar keizer Severus Alexander en zijn moeder Giulia Mamaea. De datering van het mausoleum is nog steeds omstreden. De stempels van de bakstenen in het metselwerk komen uit de periode van Hadrianus (117-138) maar de aard van de steen wijst eerder op de tweede helft van de tweede eeuw.

De omvang van het mausoleum en de rijkdom van de sarcofaag maakten bij de ontdekking onmiddellijk duidelijk dat het hier om iemand van zeer hoge rang ging, een lid van de keizerlijke familie dus of allicht de keizer zelf.

Hoewel er lange tijd twijfels waren, hebben vrij recente studies uitgewezen dat het effectief om de grafplaats van de Romeinse keizer Severus Alexander (222-235) gaat. In tegenstelling tot zijn illustere voorganger, de knettergekke Elagabalus, was Severus Alexander een gematigde en zachtmoedige keizer.

Heliogabalus was keizer van 218 tot 222 en een kleinzoon van Julia Maesa, wiens zus, Julia Domna, met keizer Septimius Severus getrouwd was. De keizerlijke naam van Heliogabalus was eigenlijk Marcus Aurelius Antoninus. Vóór zijn troonsbestijging droeg hij de naam Varius Avitus Bassianus. Zijn naam is afgeleid van Elagabal, een Syrische zonnegod (‘god van de berg’), wiens priesterschap (erfelijk in deze Arabische familie) hij in de stad Emesa (thans Homs) bekleedde.

Na de dood van Caracalla (217) werd Heliogabalus door de soldaten tot tegenkeizer van Macrinus uitgeroepen en na diens nederlaag in het hele rijk erkend als keizer (218). In 219 trok Heliogabalus met de heilige (meteoor)steen van Emesa naar Rome, waar hij een staatscultus voor Elagabal (Sol Invictus = Onoverwinnelijke Zon) invoerde. De jonge keizer leed aan godsdienstwaanzin en had een verraderlijk, losbandig karakter zonder ook maar enig verantwoordelijkheidsbesef.

Hij werd echter in alles gesteund door zijn moeder, Julia Soaemias. In 221 overreedde zijn grootmoeder hem zijn neef Alexianus (de latere keizer Alexander Severus), de zoon van haar andere dochter, Julia Mam(m)aea, te adopteren en als mederegent (caesar) aan te stellen. Bij een pretorianenopstand werd hij samen met zijn moeder vermoord.

Als neef van zijn voorganger Elagabalus had Alexander Severus het priesterschap van El-Gabaal (Elagabal) geërfd, maar hij maakte in Rome meteen een eind aan deze geïmporteerde religieuze praktijken, stuurde de heilige (meteoor)steen van Emesa terug naar Syrië en wijdde de tempel van Elagabalus opnieuw aan Jupiter Ultor.

Mausoleo di Monte del Grano
Piazza dei Tribuni, Rome
Bezoek enkel in groepjes en met begeleiding
Maximum 30 personen per groep.
Telefonische reservatie verplicht: 06 06 08
Praktische informatie: klik hier

Het park is wel toegankelijk maar de toegang tot de trap naar de graftombe is gesloten voor individuele bezoekers.

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 24 december 2015. Bekijk het origineel.