Italië wil espresso laten opnemen op de Unesco-werelderfgoedlijst

koffie2

De onderminister van Landbouw, Gian Marco Centinaio, wil een aanvraag indienen om de Italiaanse espressokoffie als immaterieel cultureel erfgoed op de Unesco-lijst te plaatsen.

Het idee is niet nieuw, maar kreeg tot nu toe geen politieke steun. Ruim twee jaar geleden hield een groep Italiaanse koffieproducenten en beroepsverenigingen in het parlement in Rome al een pleidooi om espresso te erkennen als werelderfgoed.

Centinaio argumenteert dat koffie in Italië veel meer betekent dan een gewoon drankje. Het is een sociaal en cultureel ritueel, een onderdeel van de nationale identiteit dat Italië onderscheidt van andere landen. Dat wordt ook weerspiegeld in de literatuur.

De politicus noemde de kandidatuur ook belangrijk in het huidige klimaat van de Covid-19-beperkingen. Die belemmeren de sociale interactie zoals die pre-corona plaatsvond in de vele koffiebars van Italië, van Rome tot Milaan en van Napels tot Venetië en Triëst, aldus Centinaio.

Hij meent dat het voorstel een grote kans maakt om door de Unesco-commissie te worden goedgekeurd.

Reeds in de vijftiende eeuw verspreidde de kennis over het bereiden van koffie zich van Damascus en Caïro naar Istanbul. We lezen in Sylva Sylvarum van Francis Bacon dat de Turken al koffie slurpten in lokalen die aan Europese cafés doen denken (1627) waar tot dan toe slechts bier en wijn op de kaart staan.

De eerste Italianen die in aanraking kwamen met de koffieboon waren de Venetianen. Dankzij hun zakelijke handelsrelaties met het Oosten zagen zij al snel in dat de koffieboon goud waard was.

Zij lieten grote ladingen koffie lossen aan de Venetiaanse Riva degli Schiavoni en in de haven van Triëst om het product te verhandelen in de rest van Europa.

Niet lang daarna zouden ook de havens van Livorno en Genova via Napolitaanse handelswegen goede zaken beginnen doen dankzij de invoer en het transport van koffiebonen.

koffie

Een perfect gezette espresso voldoet aan een heel lijstje voorwaarden:

  • De druk waarmee het water door de koffie wordt geperst moet 9 atmosfeer bedragen.
  • Het water moet een temperatuur van 90 °C hebben. Te warm water leidt tot te donkere koffie met een brandsmaak, te koud water tot een slappe koffie.
  • De koffiehouder moet na ieder gebruik worden leeggemaakt door de koffie in een ‘drapla’ uit te slaan (het typische klopgeluid in Italiaanse koffiebars).
  • De dosering bedraagt 7 g per kopje. Te weinig geeft een slappe koffie en bij teveel stroomt de koffie niet goed door met een brandsmaak als gevolg.
  • De kopjes moeten altijd voorverwarmd zijn. Als de koffie in een koud kopje terechtkomt, koelt de koffie te sterk af en verdwijnt het typische schuimlaagje.
  • De koffiebonen zijn in principe een melange van arabica en robusta. Al heeft elk koffiemerk zijn eigen mengeling en roostermethode.

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 21 januari 2022. Bekijk het origineel.