Erg ver gevorderd is de nieuwe metrolijn C natuurlijk nog niet, maar binnenkort beginnen wel reeds de eerste voorbereidende werken voor de nieuwe halte Colosseo – Fori Imperiali. De Romeinse archeologen kijken watertandend uit naar wat de opgravingen voor de nieuwe metrolijn nog allemaal zullen opleveren.
De archeologische steekproeven op de plaatsen waar toekomstige haltes worden voorzien zijn reeds enkele jaren aan de gang en leverden al veel vondsten op. De meest spectaculaire ontdekking tot nog toe was waarschijnlijk het Atheneum van Hadrianus, in een zijhoek van Piazza Venezia. Maar volgend jaar beginnen de eerste graafwerken in het midden van de grootste archeologische schatkamer ter wereld. Dat lijkt vroeg maar men durft er nauwelijks aan te denken wat zich hier nog allemaal in de grond bevindt en welke vertragingen dat zou kunnen opleveren voor de metrolijn. Die is momenteel volop in aanbouw.
De voltooiing van het traject San Giovanni in Laterano tot de huidige halte Colosseo is voorzien in 2016. Vanaf dan wordt het echt menens en moet het hart van Rome worden doorkruist. Omwille van de vele archeologische vondsten – de ondergrond zat er werkelijk vol mee – is de oorspronkelijk geplande halte aan de Largo di Torre Argentina al een tijd geleden geschrapt.
Langs het Forum Romanum werden ondertussen al speciale meettoestellen geplaatst, die de minste trilling registreren en mogelijke verzakkingen of andere geografische verrassingen onmiddellijk moeten signaleren. Het traject vanaf het Forum tot aan Clodio Mazzini is uiteraard het moeilijkste gedeelte. Hoewel het oorspronkelijk sneller werd gepland is de algemene verwachting dat de volledige lijn, tussen Pantano en Clodio Mazzini (met later nog een voorziene uitbreiding richting Auditorium) zeker niet vóór 2020 zal worden opgeleverd.
Sinds de Romeinse metro in 1955 werd aangelegd, heeft niemand het tot nog toe aangedurfd om de bekende A- en B-route uit te breiden. Voor lijn A is indertijd een sleuf dwars door de stad gegraven waarbij alles wat zich op het traject bevond, gewoon werd vernield. Lijn B is al niet veel subtieler aangelegd. Maar voor lijn C zal de stad niet worden afgegraven.
Van noord tot zuid zal de metro op een diepte van twintig tot dertig meter worden geboord, onder de archeologische bodemlagen door, die meestal niet veel dieper dan vijftien meter reiken. Alleen daar waar metrostations moeten komen en de passagiers dus moeten kunnen in- en uitstappen, moet men door de resten van de oude stad graven en kan er schade worden aangericht.
Lijn C zal de lijnen A en B verbinden via de stations Ottaviano (A) en Colosseo (B). En, opmerkelijk, om de mensenmassa tussen de (nieuwe, uitgebreide) halte Colosseum en het Forum Romanum in goede banen te leiden, gaan de hedendaagse ingenieurs precies dezelfde oplossing gebruiken die de Romeinen 17 eeuwen geleden ook al hadden bedacht. Meer zelfs, de ondergrondse tunnel die daarvoor nodig is werd al gegraven in de periode van keizer Maxentius en is nog perfect bruikbaar.
Zo zullen bezoekers van het Forum Romanum bijvoorbeeld bij de halte Colosseum via het nieuwe, nog te bouwen, ondergrondse museum en deze opnieuw te openen, eveneens ondergrondse, Romeinse tunnel meteen op de Via Sacra uitkomen. Zo’n 17 eeuwen geleden werd hier al een vijf meter hoge tunnel gegraven om te voorkomen dat de nog te bouwen basiliek van Maxentius het toenemende verkeer in het toen al meer dan een miljoen inwoners tellende Rome zou blokkeren.
Het is verbazend dat ook de Romeinen al ondergrondse oplossingen gebruikten om hun ontembare bouwdrift te combineren met een vlotte mobiliteit. En het is des te opmerkelijker, dat vandaag, zoveel jaren later, precies dezelfde oplossing wordt gebruikt om de mensenmassa in vlottere banen te leden.
Uit archiefonderzoek is al gebleken dat zich onder de Piazza Venezia nog een heel netwerk aan oude Romeinse straten bevindt die absoluut moeten worden vermeden door de graafmachines. Men hoopt dat dit lukt door de metro-uitgang vlak bij het Vittoriano te plaatsen, omdat bij de constructie van dit monument voor koning Victor Emanuel II alles onder de grond toch al werd vernietigd.
Maar niemand weet zeker of dit wel goed is ingeschat. Dat ontdek je pas tijdens de graafwerken. Zo was de ontdekking van het Atheneum van Hadrianus een onverwachte verrassing en dat gebeurde dan nog tijdens de voorbereidende archeologische werken, terwijl de eigenlijke graafwerken hier nog moeten beginnen.
De Metropolitana di Roma bestaat momenteel uit slechts twee lijnen: A en B, die, hoewel ze niet echt tot in het stadshart doordringen, toch vele bezienswaardigheden in Rome vlot bereikbaar maken. Het is alleszins de snelste manier om van de ene kant naar de andere kant van de stad te reizen.
Het enige kruispunt van deze beide lijnen is Stazione Termini . De metrostations zijn herkenbaar aan een vierkant, rood bord met een witte ‘M’. De nieuwe derde lijn (C) en een nieuwe zijlijn voor Lijn B (B1) zijn in aanbouw. Ook voor een vierde lijn (D) worden ondertussen al (verre toekomst)plannen gemaakt.
In 1942 zou de wereldtentoonstelling worden gehouden in Rome. Om de bezoekers snel te vervoeren, besloot de Italiaanse regering een metrolijn te bouwen van Stazione Termini naar de geplande expositieterreinen in het zuiden van de stad. In 1938 werd begonnen met de bouw.
Door de politieke situatie en de daaropvolgende Tweede Wereldoorlog kwam er zowel van de tentoonstelling als de metro niets terecht. De werken werden uitgesteld en pas op 10 februari 1955 werd metrolijn B geopend tussen Stazione Termini en Laurentina, in de huidige wijk EUR (Esposizione Universale di Roma ). De opening gebeurde door Luigi Einaudi. Het gedeelte Termini-Rebibbia is geopend op 8 december 1990.
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 9 september 2010. Bekijk het origineel.

