Een grote verrassing vanochtend vroeg, toen paus Franciscus omstreeks 7.30 uur toch een bloemenkrans kwam neerleggen bij de zuil met het standbeeld van Maria op Piazza Mignanelli, vlakbij de Spaanse Trappen. De schaarse aanwezigen op het plein konden hun ogen niet geloven toen de paus per auto in de stromende regen arriveerde op het plein, enkel vergezeld door enkele lijfwachten.
Op Piazza Mignanelli was wel een delegatie van de brandweer aanwezig, die discreet door het Vaticaan was verzocht om aanwezig te zijn met een ladderwagen, zodat de bloemenkrans wat later, net zoals ieder jaar, toch bovenaan de zuil bij het beeld kon bevestigd worden.
Daar heeft de paus niet op gewacht. Meteen na het neerleggen van de krans en na een kort gebed met een paraplu in de hand, vertrok de paus naar de Santa Maria Maggiore voor een tweede eerbetoon aan de Madonna. Hij bad er voor de beroemde Byzantijnse icoon van Maria Salus Popoli Romani en droeg vervolgens de mis op. Halverwege de ochtend keerde hij terug naar het Vaticaan.
Eerder had het Vaticaan laten weten dat de paus dit jaar omwille van de maatregelen tegen het coronavirus de krans niet zou komen neerleggen. Dat gebeurt normaal overdag, maar om de drukte te vermijden heeft Franciscus er dus voor gekozen om in alle vroegte toch even aanwezig te zijn.

Het aan Sint-Lucas toegeschreven Byzantijnse icoon met de eretitel Salus Populi Romani van de Madonna en het Christuskind met een evangelieboek, wordt bewaard in de Cappella Paolina van de Santa Maria Maggiore-basiliek. De paus was daar bij het begin van de viruscrisis op 15 maart al eens persoonlijk gaan bidden. Op 27 maart werd het icoon tijdelijk naar het Vaticaan gehaald, waar de paus op een verlaten Sint-Pietersplein het Urbi et Orbi (voor de stad en de wereld) uitsprak.
Het icoon zou volgens de overlevering door de evangelist Lucas zelf geschilderd zijn. Het zou in Rome vanuit Kreta gearriveerd zijn in 590 na Chr. tijdens het pontificaat van paus Gregorius de Grote (590-604), die het persoonlijk verwelkomde bij aankomst. Het icoon werd in een boot vol bloemen de Tiber opgevaren tot in het centrum van de stad. Het kunstwerk werd in 2018 gerestaureerd door de Vaticaanse Musea.

Paus Gregorius I liet het icoon tijdens de paasfeesten in 593 door heel Rome dragen om het einde van een epidemie af te smeken. Ook paus Gregorius XVI vereerde het icoon in 1837 door te bidden voor het einde van een choleraplaag.
De uitdrukking Salus Populi Romani gaat terug op het rechtssysteem en de heidense rituelen van de oude Romeinse Republiek. Na de legalisering van het christendom door keizer Constantijn door het Edict van Milaan in 313 na Christus, werd de uitdrukking overgenomen als een titel voor de maagd Maria.
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 8 december 2020. Bekijk het origineel.


