15 augustus 2024 —
Weinig landschappen in Rome kunnen zo goed de sfeer van de middeleeuwen oproepen als de Aventijnheuvel. Hoog boven de verkeersdrukte vind je stilte in de eeuwenoude kerken van Santa Sabina en de Santi Bonifacio e Alessio. Het Parco Savello, ook wel de Sinaasappeltuin genoemd, is een plek van vogels en bomen. De ernaast gelegen Clivo di Rocca Savella is één van de meest sfeervolle weggetjes van Rome. Maar deze vredige buurt was ook de uitvalsbasis van Theodora en haar dochter Marozia: twee vrouwen die in Rome in de tiende eeuw de lakens uitdeelden.
De paus en de adel
Sinds Gregorius de Grote (zevende eeuw) was de paus de baas in de stad, maar om die positie te behouden had hij steun nodig van de belangrijke families. Deze zogenaamde baroniale families waren grootgrondbezitters, leenmannen van de paus, met een militaire rol. Hun leen was land dat de Frankische koningen aan de paus hadden geschonken. De Franken hadden in ruil voor hun militaire steun de keizerskroon ontvangen, die voor het eerst in het jaar 800 op het hoofd van Karel de Grote werd geplant. In tegenstelling tot zijn antieke voorgangers en de keizers in het Oost-Romeinse rijk oefende deze nieuwe West-Romeinse keizer geen praktische macht uit, maar diende hij vooral met troepen te komen opdraven als Rome werd bedreigd. In dit machtsvacuüm gingen de families van Rome het pausdom beschouwen als hun eigendom.
In de tiende eeuw was dat pausdom stevig in de greep van de machtigste man van Rome: Theophylactus I uit Tusculum (vóór 865-ca. 925) en zijn vrouw Theodora. Samen vormden zij twintig jaar lang het powerkoppel dat Rome bestuurde vanuit het familiebezit op de Aventijn, op de plek waar nu de Santa Maria del Priorato staat. Theophylactus zat als vestararius aan de knoppen van de pauselijke financiën. Hij grossierde in titels die waren afgeleid van het antieke Rome: illustrissimus, Patricius Romanorum, Dux, Senator, Consul. Voor Theodora was er een afzonderlijke titel: Senatrix. Die was speciaal voor haar in het leven geroepen.
Veel weten we niet van Theodora. Maar in de bronnen wordt zij expliciet genoemd, zelfs als alleenheerser over Rome. De (mannelijke) kroniekschrijvers hadden natuurlijk geen goed woord voor haar over. De kerkhistoricus Liutprand van Cremona (922 – 972) noemde haar een slet en beschuldigde haar ervan dat ze leiding gaf als een man, wat natuurlijk een vreselijke belediging is. Mede door die slechte pers staat de periode bekend als de ‘pornocratie’.

Theo en Thea
Voor Theodora en Theophylactus was de paus de belangrijkste pion in hun spel om rijkdom en macht. Heel wat koningen en aspirant-keizers wilden ook een vinger in de pap in Rome om aanspraak te kunnen maken op de gewilde keizerskroon. Dat was de adel in Rome een doorn in het oog. De rijkdom van de kerk, de baantjes en landgoederen moesten onder hun controle blijven. Helemaal ongelijk hadden ze niet in het idee dat het pausdom vooral een Romeinse aangelegenheid was. Pausen werden gekozen door de clerus van Rome en bevestigd (of niet) door het volk van Rome en de Romeinse aristocratie (de ‘senaat’). De leken hadden zelfs een vetorecht. Toch had Rome ook militaire bescherming nodig. Het was beter de zwaardhongerige koningen niet al te zeer tegen zich in het harnas te jagen. In dat delicate schaakspel bleken de vrouwen van de Theophylacti uiterst effectief.
Na een serie pausen en tegenpausen besteeg in 904 Theodora’s kandidaat Sergius III (904-911) de pauselijke troon. Sergius werd stevig aan de familie gebonden door hem Marozia, (ca. 890-?) de 15-jarige dochter van Theophylactus en Theodora, als minnares aan te bieden. Hoewel het celibaat pas officieel verplicht werd in 1138, stond het toch niet echt goed dat de paus een piepjonge maîtresse had. Uit de affaire werd volgens de bronnen een kind geboren.
Theodora schoof daarna een volgende kandidaat naar voren: de ambitieuze Johannes X. Er werd gezegd dat Theodora een relatie met hem had. Daarnaast verzekerde Theodora zich van de militaire kracht van een derde man: Alberic I van Spoleto, een feodale krijgsheer met een sterk leger van lange Frankische soldaten; altijd handig in het gewelddadige Rome van de tiende eeuw. Zo was Theodora de connectie tussen alle machtige mannen in Rome. Alberic I werd zelfs haar schoonzoon, toen Marozia met hem trouwde in ca. 909. Met hem kreeg Marozia een tweede zoon: Alberic II (ca. 911).

Familiebedrijf
Na het overlijden van haar ouders en van haar man Alberic I zette Marozia het familiebedrijf voort. De nog jonge Marozia had dezelfde titel als haar moeder: senatrix.
Paus Johannes X, de protegé van zijn moeder, bleek een stoorzender in haar plannen. Hij wilde het pausdom weer onafhankelijk maken van de macht van de Romeinse adel en zocht steun buiten Rome bij de machtige Hugo van Provence. Maar Marozia was hem te slim af door te trouwen met Hugo’s halfbroer Guido van Toscane. Dat maakte het voor Hugo onmogelijk om tegen haar stelling in te nemen. Johannes X werd kort daarna vermoord.
Marozia was op het toppunt van haar macht, gesteund door de sterke arm van Guido. Het pausdom was nu volledig onder haar controle en de buitenlandse invloed was tot een minimum beperkt. Haar masterplan was om haar eigen oudste zoon (geboren uit haar relatie met Sergius) paus te maken. Omdat die nog erg jong was, hield ze de pauselijke troon voor hem warm door er een paar tussenpausen op te zetten. Toen hij 21 was, was de tijd rijp voor paus Johannes XI (ca. 931).

Bruiloften en begrafenissen
Guido van Toscane had zijn doel gediend en stierf onder onduidelijke omstandigheden. Na zijn dood mikte Marozia op een andere huwelijkskandidaat: de eerder genoemde Hugo van Provence. Hugo was al koning van Italië en aasde al jaren op de hoogste kroon: die van keizer. Die titel kon alleen door de paus verleend worden.
Het voorstel van Marozia was moeilijk te weerstaan: de combinatie van haar rijkdom en macht en zijn militaire kracht zou hen onverslaanbaar maken. Als kers op de taart beloofde Marozia een heel speciaal huwelijkscadeau: haar zoon paus Johannes XI zou het nieuwe koppel kronen als keizer en keizerin van het Westen! Hugo zag eindelijk zijn kans en voor Marozia was dat haar ultieme machtsdroom.
Maar tijdens het bruiloftsfeest in 932 ging het helemaal mis. Marozia’s tweede zoon, Alberic II, werd diep beledigd door zijn kersverse stiefvader. Daarop riep de jongeman de adel en het volk van Rome op om die buitenlander Hugo eruit te gooien: zou een barbaar, een voormalige slaaf, regeren over het volk van Rome, dat een wereldrijk had bestuurd? Mooi niet! Een gewapende menigte trok op naar de verblijfplaats van de pasgehuwden. Hugo wist zich nog net het vege lijf te redden door zich in nachtgewaad in een mand uit Castel Sant’Angelo te laten zakken. Maar Marozia werd door haar eigen zoon Alberic II in de kerker gegooid. Nooit meer heeft ze het daglicht gezien.
Na de coup heerste Alberic II van 932 tot zijn dood in 954 ruim 22 jaar als princeps over Rome. Maar ook Alberic II verslikte zich in zijn eigen zoon. De 18-jarige Octavianus (sic!) werd benoemd als opvolger van Alberic én tot paus. Octavianus bleek echter ongeschikt en werd al snel afgezet door de Duitse keizer Otto I. Het was gedaan met de onafhankelijkheid van de paus en de invloed van de Romeinse adel.

De enige verwijzing die je op de Aventijn nog kunt vinden naar deze vrouwen is een inscriptie op een 14de-eeuwse grafsteen. Deze ligt op een tafel in de rechterzijbeuk van de Santa Sabina. Op de zijkant van de steen staat op de tweede regel [Theo]dora renobans, gevolgd door Teophilacti vestararii coniux. Dit zou gaan om de restauratie van het huis van de ouders van de Heilige Alessio, ook op de Aventijn, door Theodora, echtgenote (coniux) van Theophylactus. Dat huis van de trapheilige stond waar de kerk van Bonifacius en Alexius werd gesticht, de kerk naast de Santa Sabina op de Aventijn.
Marozia’s erfenis
Hoewel Marozia’s polsstok uiteindelijk te kort bleek, bleef ze ook na haar val invloedrijk. Ze was moeder en grootmoeder van twee pausen en verwant aan een hele rij van pausen na haar. Theodora en Marozia regeerden op eigen titel, niet als weduwe of als regent. Hun daden moeten we echter zien terug te vinden onder een flink laag vileine roddel. Beiden hadden een scherp inzicht in de politieke verhoudingen en gebruikten de instrumenten die hen ter beschikking stonden. Daarbij waren ze niet vies van wapengekletter of politiek armpjedrukken. Toch kende Rome onder hun leiding gedurende drie generaties een periode van relatieve rust en welvaart.
Met dank aan clublid Sandrina Bokhorst voor deze bijdrage (schrijfwedstrijd 2024).
Deze tekst is een (bewerkt) uittreksel uit haar boek
‘Spiegels van Rome. Gids in zeven eeuwig actuele thema’s’
dat verschenen is in mei 2024.
Bronnen
• Santangeli Valenzani, Riccardo. L’iscrizione di Teodora da Santa Sabina. Una nuova ipotesi di interpretazione, in Scritti in ricordo di Gaetano Messineo. Eds: E. Mangani & A. Pellegrino, Roma (2016) pp. 345–354. Monte Compatri (Roma): Edizioni Espera.
• Schubert, Eva (2021). The Great Schism Podcast Series – ep. 2 House of Theophylact (February 9. 2021).
• Sandrina Bokhorst, februari 2024.

