Productie legendarische Vespa PX stopt

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

De Vespa PX, zowat de VW Kever onder de scooters, houdt op te bestaan. De oerscooter van het Italiaanse bedrijf Piaggio is door de strenge Europese milieuregels niet meer rendabel te fabriceren. Hij zal vanaf nu langzaam maar zeker uit het straatbeeld verdwijnen. De CO2-normen eisen dat sinds 1 januari 2008 hooguit nog 2 gram broeikasgas per kilometer mag worden uitgestoten om een ‘Euro 3’- certificaat te kunnen krijgen. Dat is een onmogelijk doel voor tweetaktmotoren van boven de 50 cc, dus ook voor de klassieke PX van 125 cc. Roman Holiday, een beroemde ‘Romeinse’ film uit 1953 met Audrey Hepburn en Gregory Peck, bracht de eerste Vespa in beeld.

De jongste jaren kende de verkoop van de PX weer een opvallende stijging. Meer dan 20 miljoen mensen vielen voor de charme van de Vespa. Ook filmsterren als Reese Witherspoon en Penelope Cruz snorren op een ‘wesp’ door het leven. Dat de Vespa bijzonder geliefd is, bewijzen ook de talrijke Vespaclubs. In België alleen al zijn er meer dan tien. Veel leden kopen na het horen van het nieuws nog snel een PX. De prijzen van de tweedehandse voertuigen zijn meteen gestegen. In India heeft een bedrijf laten weten dat ze een zelfde Vespa zullen maken maar met een motor die wél voldoet aan de EU-normen. Dat is voor de echte liefhebber natuurlijk niet hetzelfde.

Vespa’s zijn gewoon niet meer uit het Italiaanse straatbeeld weg te denken en in Rome zou een Italiaan al helemaal wanhopig worden zonder zijn of haar Vespa. Een zekere Corradino d’Ascanio, een ingenieur van Piaggio die overigens ook de eerste functionele helicopter ontwierp, bouwde in 1945 het eerste prototype van wat een tijd later een icoon in de scooterindustrie zou worden. De motor die erin zat, was oorspronkelijk bedoeld om een vliegtuigmotor te helpen opstarten. Oorspronkelijk was Piaggio dan ook een (oorlogs)vliegtuigbouwer die na de Tweede Wereldoorlog geen vliegtuigen meer mocht produceren. Italië had immers gecollaboreerd met de Duitsers. Daarom besloot de directie hun productielijn om te vormen tot een scooterfabriek. Aanvankelijk werden nog andere vliegtuigonderdelen gebruikt: zo was het voorwiel eigenlijk het neuswiel van de vroegere vliegtuigen. De legende gaat dat de directeur van Piaggio in 1945 een tweewieler liet ontwerpen om sneller over het fabrieksterrein te kunnen rijden. Voor de eenarmige wielophanging van de scooter werd naar verluidt een stuk landingsgestel gebruikt. Of de legende klopt, is niet zeker. Wel bracht de Vespa in het naoorlogse Italië de betaalbare mobiliteit tot bij de grote massa. De kleine scooter hielp in zijn eentje de Italiaanse economie aanzwengelen.

Al snel werden deze scooters razend populair in het naoorlogse Italië, waar grote behoefte aan eenvoudige transportmiddelen bestond. Toen Enrico Piaggio in 1953 het eerste ontwerp van zijn nieuwe roemruchte tweewieler te zien kreeg, riep hij uit: “Dit is net een wesp!” De Vespa (= wesp) was een feit en werd zo een merknaam. Het potentieel van deze ‘auto op twee wielen’ bleek erg groot: dit zou het Italiaanse alternatief voor de Duitse Volkswagen worden. Iedereen een eigen motor, en voor een betaalbare prijs. Wie een Vespa kocht, kreeg bovendien een apart rijbewijs. Gratis en voor niets. Dat laatste is vandaag natuurlijk te mooi om waar te zijn…! De MP6 werd het eerste echt gecommercialiseerde model. Een hele reeks acteurs – agent James Bond 007 inbegrepen – en actrices stoven maar al te graag met een Vespa over het witte doek, en duwden de reputatie van de Italiaanse scooter op die manier tot ongekende hoogten. De heerlijke film Roman Holiday, met Gregory Peck en Audrey Hepburn, werd mede onsterfelijk dankzij de fantastische scooter-scène, dwars door hartje Rome.

De Vespa was een makkelijk en betaalbaar transportmiddel voor de Italiaanse families. Jonge mensen deden er hun eerste ervaringen in zelfstandig rondreizen mee op. Papa, mama en bambini op de scooter: het was geen ongewoon zicht in het naoorlogse Italië. Een exemplaar van de eerste Vespa werd neergezet in het Museum of Modern Art in New York. In 1946 kwamen er 2.000 Vespa’s van de productieband, in 1950 waren dat er al meer dan 60.000. Vespa werd een Italiaanse specialiteit, zoals spaghetti en pizza. Ook de geschiedenis van Italië werd ermee geschreven: in de zwarte jaren van het Italiaanse terrorisme, reden de jonge fascisten met een Vespone 200 cc, en de jonge gauchisten met een Vespino 50 cc. Enthousiaste gebruikers doken van alle kanten op. Eén van die enthousiastelingen, Giorgio Bettinelli, reed de hele wereld rond op een Vespa. En er zijn Vespa-clubs in 23 landen, van Japan tot Finland. Vier jaar na de lancering werd de Vespa ook gebouwd in Duitsland, en later kwamen er ook fabrieken elders in Europa, in Indië en in Brazilië. In 1957 lanceerde de Sovjetunie zelfs een eigen Vespa, de Viatka. Dankzij de sixties groeide de Vespa uit van ‘wesp’ tot een ongeziene ‘hype’.

In de jaren zeventig probeerden de ‘ordinaire’ bromfietsen hun brok van het Vespa-marktaandeel weg te snoepen. Ook stapten steeds meer scooterrijders over naar de auto, en op de scootermarkt kreeg de Vespa keiharde concurrentie van nieuwe merken uit Japan. Niet alleen Vespa kreeg het moeilijk, ook de andere scootermerken van Piaggio (Gilera en Piaggio zelf) hadden het niet gemakkelijk. Maar Piaggio vocht stevig terug, en Vespa veroverde de markt en de harten van de Italianen. In 1970 kwam ook het merk Gilera bij het Piaggio-concern, gevolgd door het merk Puch in 1987. Vandaag zijn we ruim 100 modellen verder. Piaggio verkocht tot nu toe al meer dan 16 miljoen stuks. Het Italiaanse Piaggio is nog altijd de grootste Europese producent van gemotoriseerde tweewielers. Vooral yuppies zien in de Vespa nog steeds de ideale manier om zich door hun jachtige ‘high profile life’ te bewegen. Handig manoeuvreren blitse zakenjongens in designmaatpak hun Vespa door het muurvast zittende stadsverkeer van Rome en vele andere Italiaanse steden. De Vespa geeft je daarbij klaarblijkelijk het recht het Italiaanse verkeersreglement bijzonder creatief te interpreteren. Via bochtige fratsen overleven de druk gebarende business boys dagelijks het chaotische Italiaanse verkeer.

In juli 2006 trok Piaggio naar de beurs. Inmiddels hebben ook de Belgen de scooter ontdekt als alternatief voor de auto in druk stadsverkeer. In België werden in 2006 welgeteld 27.269 gemotoriseerde tweewielers ingeschreven, een record en een groei van 9 procent. Dat is te danken aan de scooter. De Italiaanse Piaggio Vespa 125 klom bijna vanuit het niets op tot de op drie na populairste motorfiets. Het 125 cc-segment was met 5.000 inschrijvingen dubbel zo groot als in 2003. Experts zien de markt voort groeien.

www.vespa.com
www.nl.vespa.com
www.it.piaggio.com
www.piaggio.com

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 28 oktober 2008. Bekijk het origineel.