Het Stanford Geospatial Network Model van de Romeinse wereld is een online tool, een soort routeplannen uit de oudheid, die de kostprijs in tijd en geld reconstrueert die gepaard gingen met een breed scala aan verschillende soorten reizen in de oudheid. Er werd nu een nieuwe, bijgewerkte versie online gezet.
Het is een educatief en informatief speeltje om tijdens een regenachtige dag wat tijd mee door te brengen. Het model, dat je zou kunnen omschrijven als een soort Google Maps van het oude Rome, is gebaseerd op een vereenvoudigde versie van het gigantische netwerk van steden, wegen, rivieren en zeeroutes die het mogelijk maakten om het Romeinse Rijk te doorkruisen.
Op de interactieve kaart kun je de startplaats van de route en de bestemming kiezen (de namen zijn deze die in de oudheid werden gebruikt), maar ook het vervoermiddel en de periode van het jaar kan worden aangeduid.
Omstreeks 200 na Christus was Rome op het hoogtepunt van haar expansie. Romeinse keizers regeerden in die tijd over drie continenten en over een kwart van de mensheid, door een perfecte mix van politieke macht, militaire overheersing en economische uitwisselingen. Maar hoe verplaatsten mensen zich binnen het Romeinse rijk?
Sinds 2012 hebben onderzoekers van Stanford University een platform ontwikkeld waarmee je in de tijd kan reizen en de immense Romeinse wereld kan verkennen.

Orbis is een klein meesterwerk van digitale reconstructie en vanuit een didactisch oogpunt een belangrijk hulpmiddel. Het is echter evenzeer een interessante tool om gewoon uit nieuwsgierigheid even mee bezig te zijn.
In totaal bestaat het netwerk uit 2.973 basissegmenten waarvoor het model in totaal meer dan 363.000 kostenresultaten simuleert. Met het model kunnen gebruikers simulaties genereren voor verbindingen tussen twee locaties via verschillende media en voor specifieke vervoersmiddelen en -modi en maanden van het jaar.

Gebruikers kunnen nu ook afstandscartogrammen van het hele netwerk of delen van het netwerk genereren die de kosten (in tijd of prijs) visualiseren als afstand van of naar een centraal punt, wat elke locatie in het netwerk kan zijn.
Het model is gebaseerd op een vereenvoudigde versie van het gigantische netwerk van steden, wegen, rivieren en vaarroutes die reizen door het Romeinse rijk mogelijk maakten. Het weerspiegelt in grote lijnen de omstandigheden omstreeks 200 na Chr., maar omvat ook enkele locaties en wegen die in de late oudheid zijn aangelegd.

Het model bestaat uit 632 locaties, waarvan de meeste stedelijke nederzettingen en omvat een oppervlakte van bijna 10 miljoen km², zowel op land als op zee. 301 locaties dienen als zeehavens. Het basiswegennet omvat 84.631 km weg- of woestijnpaden, aangevuld met 28.272 km bevaarbare rivieren en kanalen.
Reizen over zee is mogelijk met twee vaarsnelheden die overeenkomen met het waarschijnlijke bereik van navigatiemogelijkheden in de Romeinse periode. Zeevaart wordt beperkt door ruwe weersomstandigheden. Bij de simulatie van zeereizen wordt zelfs rekening gehouden met de maandelijkse windomstandigheden, bepaalde sterke stromingen en de golfhoogte.
Het maritieme netwerk van het model bestaat uit 1.026 zeeroutes (die 513 paar locaties in beide richtingen met elkaar verbinden), waarvan vele gedocumenteerd in historische bronnen en aangevuld met korteafstandsverbindingen langs de kust tussen alle havens en enkele middellange afstandsroutes. Hun totale lengte bedraagt ongeveer 192.810 km. 158 vaarroutes zijn geclassificeerd als open zeeverbindingen.

Het model maakt veertien verschillende manieren van reizen over de weg mogelijk (ossenwagen, drager, volgeladen muilezel, voetreiziger, een marcherend legioen, lastdier met matige lading, muilezelwagen, kameelkaravaan, snelle militaire mars zonder bagage, paard met berijder op routinematige reizen, routinematige en versnelde privéreizen, snelle koets en paardenrelais) die negen resultaten opleveren in termen van snelheid en drie in termen van kosten voor elk wegsegment.
De rijsnelheid wordt door het systeem aangepast aan de omstandigheden. Reizen over de weg was onderhevig aan beperkingen wanneer de reizigers te maken kregen met bergachtig terrein, bergpassen en diepe valleien. Ook de weersomstandigheden, bv. in de winter, speelden een rol. Zo leren we dat een reis per ossenwagen vanuit Rome naar Milaan bijna 50 dagen kon duren.

Fluviaal reizen is mogelijk op vijfentwintig rivieren op twee soorten boten. De reissnelheid wordt bepaald door oude en vergelijkende gegevens en informatie over de sterkte van rivierstromingen. Kostensimulaties zijn gevoelig voor de meerkosten die worden veroorzaakt door de verplaatsing stroomopwaarts en houden, waar nodig, rekening met lokale variaties in stroming en de impact van wind.
De rivierroutes worden aangevuld met een klein aantal kanalen. Voor elke route zijn er vier uitkomsten voor tijd en vier voor kosten. De tool bevat ook een afstandscartogram dat Romeinse sites toont op basis van de tijd die het zou kosten (via alle modi) om in de oudheid vanuit Rome naar een bepaalde site te reizen.

De toepassing levert waardevolle informatie om te begrijpen hoe de connectiviteit en het transport in het hele Romeinse rijk verliep en hoeveel dat kostte.
De getoonde cartogrammen kunnen worden omgezet in kostencontourkaarten die de connectiviteitskosten tussen een centraal punt en verschillende segmenten van het netwerk weergeven.
Zo kan je bv. nagaan hoeveel een graantransport vanaf een bepaalde locatie tot in Rome kostte. Ten slotte toont het systeem de meest efficiënte routes van of naar bepaalde sites en welke reisroutes het meest werden gebruikt.
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 14 maart 2022. Bekijk het origineel.

