Romeinse rozentuin opent dit jaar uitzonderlijk vroeg

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Slechts één korte periode per jaar kunnen bloemenliefhebbers volop genieten van de Roseto Comunale dell’Aventino, de befaamde rozentuin op de Aventijnse heuvel, waarvoor specialisten en tuinliefhebbers uit heel de wereld vroeg of laat afzakken naar Rome.

De tuin opende dit jaar uitzonderlijk vroeg en is vanaf nu toegankelijk tot 17 mei, en vervolgens van 19 mei tot 16 juni, telkens van 8.30 u. tot 19.30 u. De toegang is gratis. Op zaterdag 18 mei is de Rozentuin gesloten voor het publiek omdat die dag de Premio Roma plaats heeft, een festival waarbij kenners voor de 70ste keer op zoek gaan naar de mooiste nieuwe roos van de stad. De tuin bevindt zich op de Aventijnse heuvel, de ingang bevindt zich aan de Via di Valle Murcia 6/7.

In de Rozentuin zijn buitengewone bloemen te zien. Verspreid over een gebied van ongeveer 1 hectare, vind je hier zowat 1.150 verschillende rozenvariëteiten, afkomstig uit zowat alle delen van de wereld, zelfs uit China en Mongolië, met rozen waarvan de bloemblaadjes groen zijn of van kleur veranderen naargelang het verstrijken van de dagen en zelfs een roos die ronduit stinkt in plaats van lekker geurt.

De ene bloem is al zeldzamer dan de andere. Het geheel is onderverdeeld in drie grote groepen: botanische, oude en moderne rozen. Slechts één tip: wacht niet te lang, want als het warme weer aanhoudt (wat in Rome meestal het geval is) is de kans groot dat heel wat rozen verwelkt zijn vooraleer je er van kan genieten.

De geschiedenis van de Rozentuin gaat terug tot het Romeinse keizerrijk. Tacitus beschrijft de Ludi Florales, een festival dat vermoedelijk omstreeks 240 voor Christus werd ingesteld ter ere van de godin Flora, ter bescherming van de bloesem. De viering, die aanvankelijk een andere naam droeg, werd grondig hervormd en in ere hersteld toen Rome – toevallig nadat het bloemenfeest eens een keer niet werd gevierd – getroffen werd door een reeks forse hagel- en onweersbuien, waardoor een groot deel van de bloesems vernietigd werd.

De viering ter ere van Flora leefde nadien helemaal op. Het werd een echt volksfeest, compleet met naaktdanseressen, theatervoorstellingen, en nogal wat losbandigheden waar ook prostituees zich konden uitleven. Om die reden werd ‘Flora’ in het oude Rome een gemeenschappelijke naam om een prostituee te omschrijven, een gewoonte die werd aangehouden tot in de middeleeuwen. Het feest werd meestal voortgezet in het Circus Maximus, waar dieren werden vrijgelaten en bonen verstrooid om de vruchtbaarheid te verzekeren.

In 1645, toen de Romeinse tempel van Flora al lang verdwenen was en zich op deze plaats nog enkel boomgaarden en enkele wijngaarden uitstrekten, werd op de plek van de huidige Rozentuin de Joodse Begraafplaats uitgebouwd.

In 1934 vaardigde de stad Rome echter een decreet uit dat de Joodse gemeenschap verbood op deze plek nog langer te begraven. Het gebied werd omgevormd tot een openbare groene ruimte. De oude Joodse begraafplaats werd overgebracht naar een apart deel van het grote Romeinse kerkhof op Campo Verano.

De ruimte lag er een beetje verlaten bij tot de Joodse gemeenschap in 1950 een akkoord bereikte met de initiatiefnemers van Roseto Communale, om op hun voormalige begraafplaats een rozentuin in te richten. Voor de ingang van de tuin werd een ster geplaatst om de bezoekers ook vandaag nog te herinneren aan de sacrale historiek van het gebied.

Als dank voor het gebruik werden de diverse wandelpaden in de Rozentuin aangelegd in de vorm van een menora, de typische zevenarmige joodse kandelaar, het oude symbool voor het Hebreeuwse volk en een van de oudste symbolen voor het jodendom in het algemeen. De menora symboliseert het brandende braambos dat Mozes zag op de berg Sinaï. Als je in de Rozentuin wandelt kan je de typische vorm best waarnemen vanaf de hoogste top van de centrale trap.

De geschiedenis van de Roseto Communale zelf begon in 1932, toen een Rozentuin opende op de Colle Oppio, een initiatief van Mary Gailey Senni, een Amerikaanse die was gehuwd met een Italiaanse graaf en als natuurliefhebster een bijzondere passie voor rozen had. Ze slaagde erin haar droom waar te maken met de creatie van een naar verluidt prachtige rozentuin, de Colle Oppio Roseto , die tijdens de Tweede Wereldoorlog echter helemaal werd vernietigd.

Het zou duren tot 1950 vooraleer de Romeinse Rozentuin weer helemaal in ere werd hersteld, ditmaal op de nieuwe locatie op de Aventijnse heuvel. Het huidige gebied wordt in twee gedeeld door de Via di Valle Murcia.

De eerste sector belicht de geschiedenis van de roos, in de tweede sector vind je de recente rozen, die na een verblijf van twee jaar in de Roseto Communale mogen deelnemen aan de Premio Roma, een internationale competitie voor nieuwe rozenvarianten, die zoals eerder vermeld dit jaar dus plaatsvindt op zaterdag 18 mei.

Roseto Communale
Via di Valle Murcia 6/7
Tot 16 juni, dagelijks van 8.30 u. tot 19.30 u.
Gesloten voor publiek op zaterdag 18 mei
Toegang: gratis
Tel. +39 06 574 68 10
giardini@comune.roma.it

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 28 april 2013. Bekijk het origineel.