Verbind je naam voor altijd aan een originele Bernini

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Altijd al eens een originele Bernini willen kopen? Dan krijg je nu de kans om dat (voor een klein deeltje) te doen. De Galleria Borghese start een crowdfunding om de aankoop van een belangrijke bronzen buste te financieren die Gian Lorenzo Bernini in 1658 maakte van paus Urbanus VIII in opdracht van kardinaal Antonio Barberini, een neef van de paus.

Het museum moet 8 miljoen euro ophalen. Als de Galleria Borghese erin slaagt om het kunstwerk te verwerven zal het worden tentoongesteld op een prominente plek in het museum. Ernaast komt een lijst met de namen van al degenen die de aankoop hebben gesponsord.

Italianen die een donatie doen om het aankoopproject te steunen kunnen genieten van fiscaal voordeel dat neerkomt op een belastingvermindering van 65 procent, al kunnen niet-Italiaanse kunstliefhebbers natuurlijk ook bijdragen.

De fondsenwerving maakt deel uit van het zogenaamde Art Bonusproject. Het is de eerste keer dat het systeem in Italië wordt toegepast voor de verwerving van een kunstwerk. In sommige landen is dat al langer gebruikelijk. De National Gallery in Londen en het Louvre in Parijs doen het regelmatig.

Anna Coliva, de directeur van de Galleria Borghese, vertelt dat een dergelijke inzamelingsactie eerder uitzonderlijk is, maar dat de kans om een originele Bernini te kopen zich uiterst zelden voordoet.

De mensen die financieel willen participeren in een dergelijk aankoopproject doen dat vaak uit enthousiasme en trots om een belangrijk stukje erfgoed in eigen land te kunnen houden of om het te kunnen tonen aan het publiek.

Anna Coliva hoopt dat de Italianen eveneens enthousiast zullen reageren en dat iedereen een deeltje van het Bernini-kunstwerk koopt. Zelfs de allerkleinste bijdragen zijn welkom, al wordt natuurlijk ook gerekend op schenkingen van grote bedrijven om de vereiste 8 miljoen euro bij elkaar te krijgen.

De Galleria Borghese zou de buste van Bernini graag verwerven omdat het al over heel wat werken van de beroemde kunstenaar beschikt, waaronder twee zelfportretten, verschillende beeldhouwwerken en bustes.

Toen bekend raakte dat de eigenaars het bronzen kunstwerk van Bernini wilden verkopen, was het museum meteen geïnteresseerd. De buste zou immers perfect passen bij de rest van de Bernini-collectie. De bronzen buste wordt te koop gesteld door nakomelingen van paus Urbanus VIII. Het is een late maar kostbare erfenis van hun voorvader.

De carrière van Gian Lorenzo Bernini (1598-1680) als bouwmeester begon met het pontificaat van deze Urbanus VIII (Maffeo Barberini), die hem de verbouwing en het nieuwe gevelontwerp van de Santa Bibiana-kerk toevertrouwde.

Bernini had toen nog geen ervaring als architect en het feit dat hij een dergelijke grote architecturale opdracht van de paus kreeg was zeker een blijk van vertrouwen. Al moet worden vermeld dat Bernini al vóór het pontificaat van Urbanus VIII een goede bekende was van de familie Barberini en dat de keuze voor “een vriend van het huis” misschien toch niet zo verrassend was.

De kunstenaar heeft dat vertrouwen alleszins niet beschaamd. De paus was erg opgetogen over de talenten van Bernini omdat hij voortdurend de grenzen bewandelde van architectuur, beeldhouwkunst en schilderkunst.

Een andere uitleg omtrent het enthousiasme van Urbanus VIII voor Bernini is dat de kunstenaar op zijn jeugdige leeftijd nog erg beïnvloedbaar was en nooit een formele architectuuropleiding gekregen had. Daardoor was hij gemakkelijker te overtuigen voor de zeer specifieke ambities die de paus voor ogen had. Maar dat is dus giswerk.

In ieder geval vroeg Urbanus VIII kort nadien aan Bernini om een baldakijn te ontwerpen boven het graf van Petrus in de Sint-Pietersbasiliek. Dat werd zoals bekend een grandioos succes dat tot vandaag indruk maakt.

Urbanus VIII zou ooit Bernini begroet hebben met de volgende woorden: “Het is voor u een groot geluk om de paus te mogen ontmoeten, maar het geluk is voor mij nog veel groter dat u, Bernini, leeft tijdens mijn pontificaat”.

Bernini had inderdaad het vermogen om architectuur en beeldhouwkunst op een expressieve en unieke manier met elkaar te verenigen. De meeste werken van Bernini zijn onlosmakelijk verbonden met het pauselijk hof. Hij schiep spectaculaire meesterwerken voor liefst vier pausen: Urbanus VIII, Innocentius X, Alexander VII en Clemens IX.

De Barberini waren een Toscaans adellijk geslacht, waarschijnlijk afkomstig uit het dorp Barberino bij Siena. De drie bijen in het familiewapen herinneren aan de oorspronkelijke naam van het geslacht: tafani (letterlijk vertaald: dazen of horzels). De drie befaamde beestjes vind je op vele plekken in Rome terug, ze getuigen van de monumentale nalatenschap van de familie Barberini.

In de veertiende eeuw vestigden de Barberini zich in Firenze, waar ze zich als belangrijke tegenstanders van de Medici manifesteerden. De barokpaus Maffeo Barberini (1568-1644) werd in 1604 nuntius aan het Franse hof, in 1606 kardinaal en in 1608 bisschop van Spoleto.

Hij stond bekend als liefhebber van de schone kunsten en dichtte zelf in neoklassiek Latijn. Hij werd op 6 augustus 1623 tot opvolger gekozen van paus Gregorius XV, wiens reorganisatie van de congregatie Propaganda Fide hij voortzette door de stichting van een eigen missiedrukkerij en van het zogenaamde Collegium Urbanum (1627).

Na de pauskeuze in 1623 van Maffeo werd de familie Barberini financieel en cultureel de machtigste familie in Rome in de tijd van de barok. Bernini was hun grote gunsteling. In de jaren 1625-1633 lieten zij het Palazzo Barberini bouwen (waarin thans de Galleria Nazionale d’Arte Antica is gevestigd), begonnen door Carlo Maderno en Francesco Borromini en voltooid door Bernini.

Om zijn macht te etaleren maakte de paus naast zijn acties op militair vlak ook volop gebruik van de architectuur, de schilderkunst en de beeldhouwkunst. Kort na zijn ambtsaanvaarding in 1623 zou hij opdracht geven tot de voltooiing van de Sint-Pietersbasiliek.

Voorts liet hij een nieuwe muur rond de stad bouwen en stelde hij een programma op om een reeks bouwvallige vroeg-christelijke kerken te laten restaureren. Op stedelijk vlak voerde deze paus ook enkele wijzigingen door. Hij zorgde er via straatdoorbraken voor dat er een zekere samenhang tussen prominente religieuze plaatsen kwam of paste deze plekken in een grotere stedelijke context.

Urbanus VIII deed verwoede pogingen om de kerkelijke macht te herstellen. In deze context moet de opdracht voor het ontwerpen van het voormelde baldakijn gezien worden. Deze overkapping zou de allures van het Pantheon moeten overnemen, iets wat de paus erg expliciet liet overkomen, door het nog aanwezige brons van het Pantheon te roven.

Tegenwoordig bestaat er echter twijfel of het Pantheonbrons gebruikt is voor het baldakijn. Sommigen menen dat het volledig bestemd werd voor wapenproductie, waaronder het smeden van kanonnen voor de Engelenburcht.

Urbanus VIII liet ook in het baldakijn de symbolen van zijn familie verwerken (de voormelde bijen uit het Barberini-wapenschild). Het was vooral de bedoeling van de paus een blijvende stempel te kunnen drukken op de katholieke kerk. De Brusselaar François Duquesnoy (1597-1643) zou Bernini hebben meegeholpen met de realisatie van het baldakijn.

Naast het baldakijn gaf Urbanus ook de opdracht voor de realisatie van de Trevifontein, die pas na zijn dood voltooid werd. Om al zijn grote projecten te kunnen financieren was Urbanus VIII echter genoodzaakt om belastingen te heffen, die de populariteit van hem en de katholieke kerk niet ten goede kwamen.

Voor Urbanus VIII was architectuur hoe dan ook bedoeld om het volk te bedwelmen met zijn schoonheid, en de gelovigen hun geloof in de katholieke kerk te laten bevestigen. Kunst en architectuur moesten imponerend zijn en de kracht van de kerk en zijn paus etaleren.

Het pontificaat van Urbanus VIII werd grotendeels beheerst door de problemen van de Dertigjarige Oorlog (1618–1648), waarin Urbanus – veelal tevergeefs – een bemiddelende rol trachtte te spelen (opschorting van de pauselijke subsidies aan de keizerlijke Liga en vredesonderhandelingen met afzonderlijke vorsten).

Hij stond daarbij meestal onder zware druk van Richelieu en raakte bovendien verstrikt in militaire familievetes met de Farneses en in financiële verwikkelingen door zijn ontstellend nepotisme. Verschillende leden van zijn familie werden door benoemingen op hoge posten en het verlenen van gunsten schatrijk.

Indirect heeft hij de Westfaalse vrede van 1648 mee voorbereid door ten slotte, min of meer noodgedwongen, af te zien van een gezamenlijke strijd van de katholieke vorsten tegen de protestanten.

In het verzet tegen jansenisme en gallicanisme in Frankrijk liet hij zich leiden door slechte raadgevers. Ook in de beruchte Galileo Galilei-kwestie heeft hij, tegen zijn persoonlijke vriendschap met de astronoom-filosoof in, ten slotte toegestemd met diens veroordeling.

Een na de dood van Urbanus VIII (1644) door zijn opvolger ingesteld onderzoek naar Urbanus’ financiële beheer bracht dermate ernstige onrechtmatigheden aan het licht, dat enkele leden van de familie Barberini naar Parijs moesten vluchten.

Door de tussenkomst en op voorspraak van Mazarin konden zij in 1648 naar Rome terugkeren. Het grootse grafmonument van Urbanus VIII, eveneens van Bernini, bevindt zich in de apsis van de Sint-Pietersbasiliek.

Het geslacht stierf in 1738 in de mannelijke lijn uit. De vrouwelijke erfgename Cornelia Barberini trouwde in 1728 met prins Giulio Cesare Colonna di Sciarra, uit het geslacht Colonna, die haar naam aan de zijne toevoegde.

Bij de dood van prins Enrico Barberini-Colonna stierf de mannelijke lijn opnieuw uit, en de naam ging over op zijn dochter en erfgename Donna Maria en haar echtgenoot markies Luigi Sacchetti. Deze verwierf de titel Prins van Palestrina en het recht om de naam Barberini te dragen.

Het huidige familiehoofd, Augusto Barberini, draagt nog steeds de titel ‘Prins van Palestrina’, en beheert het landgoed waar zijn voorouders vandaan komen. De Barberini hebben ook nog altijd een residentie in Rome. De prins heeft vier kinderen, onder wie de filmacteur Urbano Barberini en zijn zus Francesca Barberini een schrijfster en kunsthistorica.

https://artbonus.gov.it/1416-galleria-borghese.html

https://artbonus.gov.it/1416-galleria-borghese.html#cardErogazioneBene

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 29 januari 2020. Bekijk het origineel.