Zoals je gisteren kon lezen zijn het Casa di Augusto en het Casa di Livia opnieuw toegankelijk voor het publiek. De eerste site heropende al eens in 2008 maar moest vier jaar geleden omwille van vochtproblemen weer dicht. Naar aanleiding van de tweeduizendste verjaardag van het overlijden van keizer Augustus wordt de site opnieuw geopend, voorlopig tot eind 2015. In het Casa di Augusto kan je in groepjes van maximum twintig personen een bezoek brengen aan de met fresco’s beschilderde kamers. Onder begeleiding mag je er niet langer dan 15 minuten blijven. Een bezoek moet je vooraf telefonisch reserveren via 06 399 677 00.
Veertig jaar lang woonde Augustus in dit eenvoudige huis op de Palatijn, zonder marmer en dure mozaïekvloeren. Volgens Suetonius, de biograaf van de vroege keizers, sliep Augustus 40 jaar lang in hetzelfde kamertje op een laag bed met ‘een heel gewone sprei’. Hij droeg zelfgemaakte kleren geweven door Livia, door zijn zus Octavia en door dochter Julia.
In dit huis waren Vergilius (70-19 v. Chr.) en Horatius (65-8 v. Chr.) regelmatige tafelgasten. Augustus was dol op asperges maar eiste ook een snelle uitvoering van zijn bevelen, vandaar zijn uitdrukking ‘voer deze opdracht uit, sneller dan asperges kunnen gekookt worden’. In 12 v. Chr., toen Augustus Pontifex Maximus werd, werd achter zijn huis een tempel gebouwd ter ere van Apollo.
Het huis ligt tussen de tempel van Cybele en die van Apollo, dus om duidelijke redenen dicht bij de ‘hutten van Romulus’. De woning van Augustus had vertrekken op twee verdiepingen. Na de brand van 3 n. Chr. werd het gebouw geherstructureerd. Het bestaat uit een privaat gedeelte (noordwestelijke zijde) met kleine, eenvoudige kamers en een eenvoudige mozaïekvloer.
Aan noordoostelijke zijde bevindt zich een officieel gedeelte, dichter bij de tempel van Apollo, met grote luxueuze grote kamers en eveneens een gewone mozaïekvloer. Dit gedeelte bevat het belangrijkste geheel van schilderingen in de Tweede Pompeïsche stijl in Rome.
Beneden zijn drie kamers te bezichtigen met illusionistische wandschilderingen die omstreeks 30 v. Chr. werden aangebracht. De eerste kamer met een langvormig tongewelf en een oplopende vloer is de ‘kamer van de pijnhouten festoenen’. Je ziet er muurversieringen die sterk gelijken op deze in Pompeï.
De grotere zaal ernaast is de ‘kamer van de maskers’. Ze heeft een rijke decoratie geïnspireerd door een theaterdecor. Let halverwege de muur op de toneelmaskers. Op de plaats van de bij podia gebruikelijke middendeur, bevindt zich een schildering van een landelijk heiligdom. In het zijvertrek is aan de bovenzijde een hof met een zuilenhal afgebeeld, let op het perspectief. Buiten leidt een trap naar een mooi versierde kamer.
In het officiële gedeelte van het huis bevond zich een Latijnse en een Griekse bibliotheek. Een deel ervan is de zogenaamde ‘zwarte kamer’, met op de muur de afbeelding van een gebouw met twee verdiepingen. Het is buitengewoon fraai gedaan en het kunstwerk heeft een bijzondere dieptewerking.
Het zuidoostelijke deel was een groot vertrek met een gepleisterd gewelf en een ingelegde vloer. De muurdecoratie omvat een geschilderd bouwwerk met figuren en maskers. Het mooiste vertrek in deze domus is echter een cubiculum, bekend als Augustus’ slaapkamer. Het was een kleine kamer, versierd met complexe geschilderde structuren, geïllustreerde panelen, friezen en kleine vierkanten. Ook hier domineren de kleuren rood, geel en zwart.
In het jaar 7 had Augustus zijn laatste nog levende kleinzoon, de excentrieke Agrippa Postumus na goedkeuring door de Senaat laten verbannen naar Planasia (het Isola di Pianosa, zo’n 15 km ten zuiden van Elba). Deze Postumus was de zoon van Agrippa en Julia (de dochter van Augustus).
In de zomer van 14 verliet de bejaarde keizer Augustus zijn huis voor een geheimzinnige reis. Hij zou zijn huis en Rome nooit meer terugzien. Over deze reis is in de literatuur heel wat gespeculeerd. De enige prominente figuur die Augustus vergezelde was de loyale senator Paullus Fabius Maximus. Als reisdoel hadden ze Beneventum (Benevento) opgegeven, via Capri. Maar op Capri werden zowel de senator als Augustus ziek. Ze keerden terug naar het vasteland en hielden halt in Nola. Ee rst stierf de senator, vervolgens Augustus zelf. Geen van beiden heeft onthuld wat het doel en de reden was van hun geheimzinnige reis.
Volgens sommigen (Tacitus noemt het een gerucht) zou Augustus hebben besloten om zijn kleinzoon Agrippa Postumus, ondanks zijn gebreken, toch tot zijn opvolger te benoemen ten koste van Tiberius, die de logische kandidaat was van Livia. Maar senator Fabius zou van dit plan op de hoogte geweest zijn en zijn mond voorbij gepraat hebben tegen zijn vrouw.
Zo kwam het nieuws terecht bij Livia, die de nodige maatregelen zou genomen hebben. Daardoor ontstond het nooit bewezen en onwaarschijnlijke verhaal dat Livia haar echtgenoot zou laten vergiftigen hebben om zijn plan te verijdelen. Dat gerucht werd nog versterkt doordat Agrippa Postumus onmiddelijk na de dood van Augustus op zijn verre eiland werd vermoord door onbekenden. Moderne historische biografieën van Livia verwerpen deze theorie. Van Livia zijn over het hele Romeinse rijk munten en talrijke standbeelden teruggevonden, wat wijst op een grote populariteit. De literaire bronnen bieden echter een contrastrijk portret van haar.
Tacitus, Suetonius en Cassius Dio, die elk wel haar kwaliteiten erkennen, stellen haar voor als een manipulatieve echtgenote. Zo vertelt Tacitus dat zij “de oude Augustus stevig onder controle had, zelfs zozeer dat hij zijn enige overgebleven kleinzoon naar het eiland Planasia verbande”. Wat later vat hij het nog eens kort en bondig samen als “gevaarlijk in staatszaken als moeder, gevaarlijk als stiefmoeder van het huis van de Caesari”.
Er ontstonden ook geruchten toen Marcellus, de neef van Augustus en die zijn naam gaf aan het Theater van Marcellus, op zeer jonge leeftijd in 23 stierf. In Rome werd geroddeld dat hij geen natuurlijke dood was gestorven en dat Livia erachter zat. Overigens stierven alle zonen van Julia en Marcus Agrippa: eerst Lucius en vervolgens Gaius, die Augustus als zijn zonen had geadopteerd om opvolgers te hebben. Tacitus laat duidelijk doorschemeren dat Livia niet geheel onschuldig was aan deze doden en Cassius Dio vermeldt ook dergelijke geruchten. Suetonius, die gewoonlijk roddels niet schuwde en die toegang had tot officiële documenten, herhaalt deze geruchten niet.
Het is wel een feit dat Livia Drusilla (58 v. Chr. – 29 n. Chr.), die na de dood van haar man in 14 n. Chr. Iulia Augusta werd genoemd, een machtige vrouw was. Ze trad verscheidene keren op als regent en trouwe adviseur van Augustus. Zij was een centrale figuur in de Julisch-Claudische dynastie (met elke keizer van deze dynastie was ze wel op een of andere manier verwant) en had bovendien een grote politieke invloed, wat zéér ongewoon was voor een Romeinse vrouw. Zoals haar echtgenoot Augustus een rolmodel werd voor de latere keizers, zou zij dat worden voor de keizerinnen. Daarnaast was ze ook nog eens onmetelijk rijk, onder andere door te erven van haar echtgenoot en van haar vriendin, de Joodse prinses Salomé I die in 10 n. Chr. stierf.
Het staat ook vast dat Livia manipulaties niet schuwde. Tiberius (14-37) was de zoon uit een vorig huwelijk van Livia, de derde vrouw van keizer Augustus. Hij huwde met Vipsania en had een zoon Castor. Tiberius werd daarna door zijn moeder Livia verplicht van Vipsania te scheiden en te trouwen met Julia, de ontrouwe dochter van Augustus uit zijn tweede huwelijk. Door die meesterzet zou Tiberius later in aanmerking komen als opvolger van Augustus, wiens nakomelingen ondertussen allemaal dood waren.
Als nieuwe keizer vond Tiberius het huis van zijn voorganger Augustus te klein en vooral, zijn geduchte moeder Livia woonde nog in hetzelfde huis. Daarom liet hij tussen de Germalus en het Forum Romanum een paleis bouwen, waarvan de resten van de onderbouw vandaag onder de Farnese-tuinen liggen. In dit paleis werd zijn zoon Castor vermoord, wellicht door zijn stiefmoeder Julia op aanstichten van een van haar minnaars. Vrezend voor zijn eigen leven vertrok Tiberius definitief naar Capri van waaruit hij lange tijd Rome bestuurde.
De volgende keizer, Caligula (37-41), was de zoon van de Romeinse veldheer Germanicus en de kleinzoon van Drusus, de broer van Tiberius. Caligula had wel de moed in Rome te blijven maar zou zich dat al snel beklagen: hij werd op 24 januari 41 in een binnentuin van ditzelfde paleis om het leven gebracht.
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 28 september 2014. Bekijk het origineel.

