Goed nieuws: op de Palatijnse heuvel zijn opnieuw archeologische rondleidingen mogelijk in het Casa di Augusto en het Casa di Livia. Deze sites worden naar aanleiding van de tweeduizendste verjaardag van het overlijden van keizer Augustus geopend. In het Casa di Augusto kan je in groepjes van maximum twintig personen een bezoek brengen aan de met fresco’s beschilderde kamers. Onder begeleiding mag je er niet langer dan 15 minuten blijven. Een bezoek moet je vooraf telefonisch reserveren via 06 399 677 00. Alle fresco’s zijn nu gerestaureerd. Sommigen bleven buitengewoon goed bewaard. Vandaag en morgen nemen we een kijkje in beide van elkaar gescheiden woningen maar waarvan het verhaal onlosmakelijk met elkaar verbonden is.
De keizer die erom bekend staat dat hij een stad van stenen aantrof en er eentje van marmer achterliet, had alleszins een passie voor kleuren en voor de natuur. Dat blijkt wel uit de prachtige schilderingen die zijn woning verfraaien. Tijdens de jongste restauratiebeurt die de voorbije twee jaar door een gespecialieerd team werd uitgevoerfd kwamen beelden tevoorschijn die al eeuwenlang niet meer zichtbaar waren, zoals een groene papegaai.
Het huis dat Augustus had gekocht op de Palatijn was zo klein dat de Senaat besliste om met openbare fondsen een grotere woonst voor hem te bouwen. Dat gebeurde als dank voor de gebrachte vrede. Die kwam er nadat Agrippa, de veldheer van Augutus tijdens de Slag van Naulochus op 3 september in 36 v. Chr. Sextus Pompeius had overwonnen. Dat betekende het einde van het Tweede Triumviraat.
Nadat Octavianus (de latere keizer Augustus) ook nog Lepidus van zijn militaire macht wist te beroven, werd hij als keizer Augustus de enige heerser van het westen. Twee laurieren voor de ingang en een kroontje erboven herdenken de inzet van die vrede. De woning werd plechtig ingehuldigd op 14 januari 26 v. Chr. Augustus woonde er tot 3 n. Chr. toen de woning en de nabijgelegen tempel van Cybele zwaar beschadigd werden door een brand.
Het grondniveau van de Palatijn ligt nu boven het huis. De opvolgers van Augustus hebben uit eerbied voor de stichter van het keizerrijk de woning nooit verbouwd. Het huis bestond uit twee gescheiden gebouwen: links de woning die we vandaag kennen als het Huis van Livia, wat het eigenlijke woonverblijf was en rechts het Huis van Augustus waar de keizer zijn gasten ontving. Vergeleken bij latere paleizen van Romeinse keizers is het huis zeer bescheiden, maar gemeten naar de normen van die tijd toch wel luxueus.
Dit deel van het gebouw dat de voorbije vier jaar gesloten bleef werd door de archeologen het Huis van Livia genoemd omdat op de loden waterleidingen de inscriptie ‘Iulia Augustua’ stond. Men veronderstelt dat Livia hier woonde tijdens haar eerste huwelijk met Tiberius Claudius Nero. Dat kan betekenen dat hun zoon Tiberius, de opvolger van Augustus, hier wellicht geboren is. Daarna scheidde Livia om te trouwen met de jonge Octavianus, een meesterlijke zet. Dat deze kamers behoorden tot de woning van Augustus na zijn huwelijk met Livia wordt door de specialisten tegenwoordig algemeen aanvaard.
Je bereikt de woning via een helling, bekleed met zwart-witte mozaïeken die uitmondt in een open atrium met twee zuilen die het dak steunen. De achtermuur geeft toegang tot drie parallelle ruimten met fresco’s uit de Tweede Pompeïsche stijl (omstreeks 30 v. Chr.). De ruimte in het midden, het zogenaamde tablinum, is groter dan de zijvleugels. Deze laatste kamers werden vermoedelijk gebruikt als opslagruimte. In de linkervleugel, boven een onderstuk van imitatiemarmer, zie je geschilderde panelen met griffoenen en tegenover elkaar staande personages.
Het tablinum is verreweg de interessantste plaats. Het was een ruimte die aanvankelijk als eetkamer diende maar al snel werd omgevormd tot studeerruimte. Magistraten bewaarden er hun archief en meestal stonden hier ook de wassen beelden van de voorouders van de bewoners. Ook de geldkist en de meest kostbare zaken van de eigenaar werden hier bewaard. In het Huis van Augustus bevinden zich eveneens versieringen in Pompeïsche stijl die de bewoners de illusie moesten geven dat ze door een raam naar de tuin keken.
De rechterwand is ontworpen als een groot theaterdecor, dat op een vlak podium rust en waar Korinthische zuilen de wand in drie delen verdelen en erboven een richel van cassetten ondersteunen. Elk deel heeft een geschilderde deur. De deuren aan de zijkanten zijn open en tonen een doorkijkje met perspectivische architectuur. Dit type schildering werd vaak gebruikt als men geen uitzicht op echte tuinen had.
De middelste deur (eigenlijk een nis) heeft overeenkomstig de toen heersende neo-klassieke smaak een afbeelding met een mythisch onderwerp. Het is een kopie van een schildering uit de klassieke tijd, mogelijk van de hand van Nikias (vierde eeuw v. Chr.). Je ziet Io, de geliefde van Jupiter die haar in een koe veranderde uit vrees voor de toorn van zijn echtgenote Hera.
Op naar voren springende richels op halve hoogte zijn kleine genre-afbeeldingen te zien die eveneens ontleend werden aan het Hellenistische repertoire. De achtermuur toont in het midden een erg beschadigde mythologische voorstelling met de nimf Galatea die op een zeepaard wegvlucht van Polyphemus. In de verte herken je de karakteristieke vorm van de Etna. De beschildering van de linker muur is verloren gegaan. Op de loden buizen langs de linkerwand staat, zoals gezegd de naam IVLIAE AV (Julia Augusta).
De rechtervleugel heeft festoenen aan de zuilen en een gele fries met prachtige landschappen en stadsgezichten in impressionistische stijl, blijkbaar een landschap aan de Nijl. Festoenen zijn versieringen met fruit, bladeren en/of bloemen en soms schelpen in de vorm van een slinger die aan de uiteinden omhoog worden gehouden door linten of medaillons.
De decoraties van de linkerwand stralen nog steeds een zekere frisheid uit hoewel ze door de deur beschadigd zijn. Tussen de geschilderde zuilen loopt een mooie guirlande van bladeren en vruchten met daaraan een mand, een stok, de kop van een gehoornd dier en een lier als symbolen van de natuur.
Tegen een gele achtergrond verbeeldt de fries bovenin enkele werkende personen. Aan de korte zijde van de achterliggende binnenplaats bevindt zich het triclinium of de eetzaal. Deze was gedecoreerd met fresco’s die een schijnarchitectuur tonen en ramen die uitkijken op landschappen.
De originele fresco’s werden overgebracht naar het Museo Nazionale Romano in Palazzo Massimo. Daar kan je trouwens van 14 november 2014 tot 2 juni 2015 terecht voor een speciale tentoonstelling rond keizer Augustus, waar de fresco’s een prominente plaats krijgen.
Op de rechtermuur bevindt zich een halfronde portiek met beelden in de attiek. Een attiek is een verhoging boven de kroonlijst van een gevel, die meestal het dak aan het oog onttrekt en op zijn beurt weer ter versiering is aangebracht. De attiek werd geïntroduceerd in de Romeinse bouwkunst. In de Middeleeuwen werd ze toegepast in de Toscaanse architectuur en later in de Vlaamse bouwkunst. Veel voorkomend was het gebruik ervan in de renaissance en de barok. In de baroktijd was de attiek uitgegroeid tot een halve verdieping. Deze werd mezzanino genoemd.
Tegenover de rechtermuur zien we een rustieke trofee met jachtbuit en symbolen eigen aan Diana. De gedeeltelijk bewaarde vloeren hebben witte en zwarte steentjes, vaak ‘verweven’ als een tapijt met een band op de boord. Een lange gang leidt naar het achterdeel van het huis. Achter de oorspronkelijke schilderingen bevonden zich dichtgemetselde deuren. Achteraan het huis is er nog een binnenplaats en zijn er dienstkamers.
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 27 september 2014. Bekijk het origineel.

