Een absolute must voor iedere Vlaming en kunstliefhebber die Rome bezoekt, is een kijkje nemen bij enkele buitengewone schilderijen die Pieter Paul Rubens maakte toen hij nog piepjong was. De kleuren van de doeken zien er buitengewoon fris en helder uit alsof ze pas gisteren werden geschilderd. Het was ondermeer door deze prestaties in Rome dat Rubens gaandeweg steeds meer opdrachten kreeg van koningshuizen, de hoge adel en de kerkelijke overheid. Het Romeinse werk van Rubens maakte de kunstenaar wereldberoemd.
Op de Piazza della Chiesa Nuova zie je de Santa Maria in Vallicella, ook wel de Chiesa Nuova geheten (de nieuwe kerk). Helemaal vooraan, zowel boven als aan de beide zijjden, zie je het werk van de jonge Vlaming Rubens, gemaakt in de periode 1606-1608. Het waren zijn eerste grote officiële opdrachten in Rome.
Op het plein voor de kerk zie je de Fontana della Terrina (ze lijkt inderdaad wat op een reusachtige ouderwetse soepterrine) van Giacomo della Porta. Het deksel werd er later op geplaatst, omdat de marktkramers het bekken gebruikten als afvalbak. Deze fontein stond vroeger immers op de Campo de’ Fiori en fungeerde daar als gemakkelijke afvalbak. Er kwam dus een heus deksel op maar dat hield de sluikstorters niet tegen en uiteindelijk werd de hele fontein dan maar verplaatst.
In dezelfde Chiesa Nuova, waar nog een heleboel andere bijzonder fraaie kunstwerken te zien zijn, ondermeer een aantal fresco’s van Pietro da Cortona, en dus een bezoek meer dan waard is, bevindt zich ook een ampul met bloed van San Pantaleo. Op 27 juli, de dag van zijn martelaarschap, wordt dit bloed vloeibaar. De ampul is meermaals onderzocht door wetenschappers maar die vinden daarvoor geen verklaring. De patroonheilige van Rome, Filippo Neri, wordt hier ook vereerd (het is de kapel links vooraan in de kerk, waar je bijna altijd mensen aantreft die in stilte een verzoek richten tot Filippo Neri aan wie zeer veel wonderen en mirakels worden toegeschreven.
De heilige Filippus Neri(us) (eigenlijk: Filippo Romolo Neri) was een katholieke priester die meewerkte aan de Contrareformatie. Men noemde hem de apostel van Rome. Hij is de stichter van de orde der Oratorianen. Neri werd opgeleid door de Dominicanen van het Florentijnse San Marcoklooster. Hij zou in de zaak van zijn oom Romolo in San Germano komen als koopman, maar verliet deze plaats om naar Rome te gaan. In Rome meldde hij zich na een tijd als kluizenaar geleefd te hebben bij de Augustijnen. Hij hield zich vooral op bij de armen en zieken, en bezocht regelmatig de catacomben.
In 1551 werd hij tot priester gewijd en sloot zich aan bij de broederschap San Girolamo della Carità. Neri nam veel mensen de biecht af. Hij organiseerde ‘s avonds met deze broederschap bijeenkomsten van gebed, zang en gesprekken; qua vorm waren het vespers met aansluitende ontmoeting. Al in 1567 sloot de latere kardinaal Caesar Baronius zich bij hem aan. In 1564 nam Neri de zielzorg over in de nieuwe parochie San Giovanni dei Fiorentini.
In 1575 gaf de paus de broederschap de status van een congregatie waarin zowel religieuzen als leken werden opgenomen. In 1577 werd de herbouwde Santa Maria in Vallicella aan hen toegewezen. De kerk heette al spoedig Chiesa Nuova. De vieringen vonden voortaan plaats in het oratorio, een kapel van de Chiesa Nuova. Deze vorm van religieus samenzijn en vieren ligt aan de basis van het oratorium als muzikaal genre. Pas in 1584 ging Neri – tegen zijn zin – zelf ook bij de Chiesa Nuova wonen. Spoedig volgde soortgelijke stichtingen elders in Italië. Zij waren geheel autonoom in de keuze van hun statuten en verdere reglementen. Neri weigerde zich te gedragen als een generaal-overste die uniformiteit oplegt.
Over Filippus Neri’s onconventionele optreden doen veel verhalen de ronde. Hij was een vrolijk, sportief en vooral praktisch man. Neri verstond de kunst om met iedereen goed om te gaan. Hij was met veel mensen bevriend, onder wie voormannen van de Contrareformatie als Ignatius van Loyola, Carolus Borromeus, Franciscus van Sales en Felix van Cantalice. Vrij spoedig na zijn dood in 1595 volgden de zaligverklaring (1600) en de heiligverklaring door paus Gregorius XV in 1622. De kerkelijke feestdag van Filippus Neri is 26 mei.
Dit artikel verscheen oorspronkelijk op 27 april 2008 op het Romenieuws-archief.

