Kerkers Engelenburcht na vele jaren opnieuw open voor publiek

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Je kan vanaf nu opnieuw de kerkers bezoeken van de befaamde historische Engelenburcht aan de oevers van de Tiber in Rome, waar in het verleden de gevangenen van de paus werden opgesloten. Je kan er alleen in als je jezelf aansluit bij een groepje (of er zelf eentje vormt) en de rondleidingen gebeuren enkel ’s nachts en met een gids. Naar verluidt is dat de ideale sfeer om de verhalen te vertellen van enkele van de bekendste gevangenen van de kerkers die ook inspiratie leverden voor kunstenaars als Puccini of Dumas. De Engelenburcht zelf, blijft uiteraard gewoon te bezoeken als museum. Het immense gebouw is bij operaliefhebbers ook bekend als één van de decors van Tosca.

Na een restauratie van ruim tien jaar werden de kerkers van de Engelenburcht in Rome recent opnieuw opengesteld voor het publiek. De historische burcht aan de oevers van de Tiber, oorspronkelijk het mausoleum van keizer Hadrianus, heeft voor heel wat zaken dienst gedaan, maar is lange tijd ook een streng beveiligde gevangenis geweest voor vijanden van de paus. De naam Engelenburcht (Castel Sant’ Angelo) verwijst naar de aartsengel Michaël, die bovenop het voormalige mausoleum verschenen zou zijn.

De Engelenburcht werd oorspronkelijk het Moles Hadriani (het gevaarte van Hadrianus) geheten, en vormde het reusachtige praalgraf van keizer Hadrianus. Het werd gebouwd tussen 135 en 139 onder leiding van de architect Demetrianus. Later werden hier ook de keizers Marcus Aurelius, Septimius Severus en Caracalla bijgezet. De burcht heeft vijf verdiepingen en is zo’n 50 meter hoog.

De Engelenburcht heeft zijn naam te danken aan een legende. Op kerstdag 590 hield paus Gregorius I een grote plechtige kerkelijke optocht om God te smeken een einde te maken aan de pestepidemie. Bovenop het mausoleum verscheen plots de aartsengel Michael. De engel stak zijn zwaard in de schede, wat betekende dat Gregorius’ bede was verhoord en de strijd tegen de pestepidemie voorbij was. Paus Pius II liet op de plaats waar de aartsengel zou zijn neergestreken een kapel bouwen. Het beeld van de aartsengel Michaël (1752) bovenop de burcht, is in de loop der eeuwen divese keren vervangen. De jongste versie, die je nu nog steeds ziet, is gemaakt door de Gentenaar Pieter Antoon Verschaffelt.

Zelfs in de oudheid leek het mausoleum al snel niet meer op een grafmonument. Het gebouw begon steeds meer op een burcht of kasteel te lijken. De pausen en de adel streden, nadat de Gothen een aantal kunstwerken en beelden hadden geroofd, al gauw om het bezit van de burcht. De Kerk liet de Engelenburcht verbouwen tot een sterke vesting die het Vaticaan moest beschermen tegen invallers, maar ook tegen de middeleeuwse Romeinse adel en burgerij.

Voor de veiligheid liet paus Nicolaas III in 1277 de Engelenburcht en de Sint-Pieter verbinden met een gang. Paus Alexander VI liet zo’n twee eeuwen later, bovenop de muur naar de burcht, een 1600 meter lange vluchtgang aanleggen, de befaamde passetto of doorgang, ook wel de corridoio (corridor) genoemd. Dit was een verbindingsbrug tussen het Vaticaan en de veilige burcht. Nu kon de paus, wanneer er gevaar dreigde, met zijn schatten wegvluchten achter de dikke muren van de Engelenburcht.

Nog veel later, omstreeks 1630, werd deze gang in opdracht van Urbanus VIII overdekt. De gangen bestaan nog altijd en de bovengrondse is tegenwoordig – na reservatie en begeleid door een gids – eveneens te bezoeken. Het Vaticaanse gedeelte van de passetto, dat begint aan de Porta Sant’Anna, is verboden terrein voor bezoekers. Waar de passetto in het Vaticaan precies eindigt is niet helemaal duidelijk. Verschillende bronnen spreken elkaar tegen en zelf hebben we het nooit gezien. In zijn befaamd/beruchte fictieboek ‘Het Bernini Mysterie’ beweert thrillerauteur Dan Brown dat de passetto eindigt in de pauselijke appartementen.

Later werd de Engelenburcht ook een tijdlang als pauselijke schatkamer gebruikt. Tot en met de 16de eeuw werden de verdedigingswerken verbeterd en de zalen steeds mooier versierd. Zo liet paus Paulus III de burcht comfortabeler inrichten voor het geval een van de pausen voor langere tijd in de burcht zou moeten verblijven. Nadien deed de burcht nog dienst als kanonnengieterij en dus ook als gevangenis. Pas na september 1870, toen het Vaticaan de Engelenburcht overdroeg aan het Italiaanse leger, kreeg het voormalige mausoleum een wat rustiger functie. In de burcht werd een museum geopend dat in 58 zalen de geschiedenis van de burcht toont. De jongste jaren is er veel aan gedaan om de burcht een beter aanzien te geven. Een deel van het vestingwerk is nu hersteld en een park geworden. Er hebben ook regelmatig thematische tentoonstellingen plaats en het gebouw is nu uitgegroeid tot één van de grotere en betere trekpleisters van Rome. Het uitzicht vanaf de hoogste verdieping is beter en meer gevarieerd dan dit vanop de koepel van de Sint-Pietersbasiliek.

De Engelenburcht wordt met de andere oever van de Tiber verbonden door de Ponte Sant’ Angelo (de Engelenbrug), de oorspronkelijke Pons Aelius (vernoemd naar keizer Hadrianus, wiens volledige naam Publius Aelius Hadrianus was), die gelijktijdig met het mausoleum is gebouwd. De drie middelste bogen van de brug zijn nog de oorspronkelijke uit de oudheid. Ook deze brug kreeg zijn huidige naam in de 15de eeuw. Wanneer je de brug oversteekt zie je aan beide zijde tien engelen, die er in 1669 bij de restauratie van de brug op zijn gezet. De engelen zijn gemaakt door Gian Lorenzo Bernini en zijn leerlingen. De kunstenaar was toen al 70 jaar. Na al die eeuwen blijft elk beeld apart een waar juweel om naar te kijken én nogmaals te vereeuwigen op foto. Over deze brug wandelen zonder een digitale camera te zien is dan ook bijna niet mogelijk.

www.castelsantangelo.com

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op 8 augustus 2007 op het Romenieuws-archief.