Nymphaeum van Diana gratis toegankelijk voor publiek

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Het fraaie en recent gerestaureerde Ninfeo di Diana, een schelpbekken in wit marmer in het Palazzo Doria Pamphilj, is vanaf nu gratis toegankelijk voor het publiek. Het gaat om de in Pompeiaanse stijl beschilderde alkoof-badkamer die in 1840 werd gecreëerd door prins Filippo Andrea als geschenk voor zijn vrouw Mary Talbot. In de hoeken van de kamer bevinden zich Romeinse beelden en de muren zijn versierd met afbeeldingen en de vruchten van de vier seizoenen.

De Galleria Doria Pamphilj is een privémuseum gevestigd in het paleis van de familie Doria die er nog steeds woont en exposeert voornamelijk schilderijen. Het Nymphaeum van Diana is een architecturaal juweeltje dat lange tijd behoorde tot de privé-appartementen van het prachtige gebouw. Je kan het voortaan gratis bewonderen, samen met de bibliotheek die tot nog toe eveneens gesloten was voor het publiek.

Tijdens een bezoek aan de Galleria Doria Pamphilj moet je een meerprijs betalen om de privé-appartementen van de familie te kunnen bezoeken. Het ninfeo en de bibliotheek kan je voortaan dus wel bezichtigen zonder die extra prijs. De toegang tot het museum zelf zal je natuurlijk moeten betalen, anders raak je het gebouw niet in.

De Galleria Doria Pamphilj bevat buitengewone werken van klassieke schilderkunst en meesterwerken van onder meer Caravaggio, Titiaan, Velasquez, Tintoretto, Raffaello, Guercino (om er slechts enkele te vermelden) en was lange tijd de thuisbasis van prinsen en prinsessen uit de zeventiende eeuw.

Camillo Pamphilj maakte van de oorspronkelijke woning een heus paleis met prachtige kamers, die hij liet inrichten en versieren volgens de smaak van die tijd en vulde het decor aan met elementen uit de oudheid. Palazzo Doria Pamphilj neemt langs de Via del Corso heel wat ruimte in. Het is een indrukwekkende palazzo met een imposante achttiende-eeuwse barokgevel.

Sinds enkele jaren bevindt de toegang tot de kunstverzameling zich aan de Via del Corso 305, daardoor is het mogelijk de binnenplaats te bezoeken. De hoofdingang laat ons toe een blik te werpen op de mooie Bramaneske binnentuin die ooit voor de Oostenrijkse keizer in een balzaal werd omgetoverd. De fundamenten van het paleis rusten op ruïnes uit de oudheid waarvan men veronderstelt dat ze tot reusachtige pakhuizen behoorden.

Op het einde van de vijftiende eeuw liet kardinaal Fazio Santorio op deze plaats een paleis bouwen dat later door opeenvolgende adellijke families geleidelijk vergroot werd. Nadat het in het bezit was gekomen van de familie della Rovere, een adellijk geslacht uit Genua, kwam het in handen van de lievelingsneef van paus Julius II (Giuliano della Rovere), de hertog van Urbino.

Van oorsprong waren de Roveres vissers uit Savona. Hun opkomst dankten ze aan het feit dat Francesco en zijn neef Giuliano paus werden, respectievelijk Sixtus IV en Julius II. Als zodanig waren deze berucht om hun nepotisme. Het geslacht regeerde van 1508 tot 1631. Met de dood van Francesco Maria II (1548-1631) was het geslacht in mannelijke lijn uitgestorven en kwam Urbino toe aan de Kerkelijke Staat.

Later kocht paus Clemens VIII Aldobrandini (1592-1605) het paleis. De befaamde Donna Olimpia (1595-1657), nicht en erfgename van deze paus, trouwde met Camillo Pamphilj, de broer van Innocentius X Pamphilij (1644-1655), van wie de familie zich later door een huwelijk verbond met de Genuese familie Doria (de naam wordt door Dante in de Divina Commedia vermeld). Het paleis wordt vandaag nog steeds door de nazaten van deze familie bewoond.

www.doriapamphilj.it

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 27 januari 2020. Bekijk het origineel.