Portus en de haven van Trajanus

21google (2025 11 21 13 43 38 utc)

17 augustus 2023 —

De eerste haven van Rome was Ostia, het stadje aan de linkerzijde van de Tiber dat we nu kennen als Ostia Antica. In de oudheid lag deze haven aan de zee, maar ze verzandde al in de oudheid en ligt nu zelfs 5 km landinwaarts. Door de bevolkingstoename van Rome moest de bevoorrading van de stad echter gegarandeerd blijven met een zeehaven waar de goederen dan werden overgeslagen op binnenschepen en via de Tiber naar de stad werden gevoerd.

Daarom liet keizer Claudius aan de andere zijde van de Tiber een nieuwe haven aanleggen, “Portus”, 5 kilometer ten noordwesten van Ostia. De aanleg werkzaamheden duurden van in 42 tot 64 n.C. De haven bestond uit een bassin van 150 hectare dat was omsloten door twee pieren. In het midden van de vaargeul stond een hoge vuurtoren “Pharos” genaamd, naar het voorbeeld van die bij Alexandrië in Egypte. Als fundament voor die toren diende het schip waarmee Caligula de Vaticaanse obelisk van Egypte naar Rome had naar laten brengen (zie de Nieuwsbrief van 17 mei 2023). Het schip werd gevuld met stenen en op die manier tot zinken gebracht.

Vanuit Portus werd ook een 24 km lange verbindingsweg naar Rome aangelegd: de Via Portuensis, thans “Via Portuense” geheten, die aankomt bij de Porta Portese in Trastevere. De weg liep parallel met de rechteroever van de Tiber en bereikte de hoofdstad in het gebied van Transtiberim, terwijl de al bestaande Via Ostiensis de linker Tiberoever volgde en meer in het centrum van de stad uitkwam.

Maar een halve eeuw later kreeg ook Portus te maken met verzanding. Daarom liet keizer Trajanus tussen 100 en 112 n.C. de haven meer landinwaarts uitbreiden met een zeshoekig bassin van 33 hectare groot en met een zeshoekige vorm, waardoor er veel meer aanlegplaatsen beschikbaar waren. Rond dat meer lagen horrea (openbare pakhuizen), opgetrokken in merkwaardig nauwkeurig metselwerk, wat typerend is voor de periode van Trajanus. Het bassin werd met een kanaal verbonden met de haven van Claudius, terwijl een ander kanaal, de “Fossa Traiani” het verbond met de Tiber.

Door de aanleg van de Fossa Traiani ontstond een soort kunstmatig eiland, omringd door de Fossa zelf, door de Tiber en door de zee. Het werd aanvankelijk Insula Portus genoemd (Eiland van Portus), maar later Insula Sacra (Heilig Eiland), omdat er een basiliek op stond, toegewijd aan de heilige Hippolytus van Rome. Op dat eiland ontstond later een necropolis, waarover het in de volgende aflevering zal gaan.

Over land werd de plaats ook verbonden met de meer zuidelijk steden. Keizer Septimius Severus liet tussen 198 en 209 n.C. de oude onverharde kustweg plaveien met basaltstenen. Deze Via Severiana liep van Portus over Ostia, Laurentum, Lavinium, Antium, Ardea, Astura tot Tarracina, zo’n 118 km ver.

Het economische belang van Portus overtrof snel dat van Ostia als haven en ook dat van het veel verder gelegen Puteoli, het huidige Pozzuoli. In 314 n.C. kreeg Portus de status van een zelfstandige stad met de naam Portus Romae en in diezelfde vierde eeuw had Portus reeds een bisschopszetel, wat bewijst dat de stad al een aanzienlijke bevolking had.

Omstreeks de vijfde eeuw vielen de havenactiviteiten echter volledig stil door de toenemende verzanding. Van Claudius’ haven resten nog de fundamenten van de noordelijke pier en van enkele andere gebouwen; een groot deel ligt nu begraven onder het stadje Fiumicino. Het bassin van Trajanus daarentegen is goed bewaard; soms kan je het duidelijk zien liggen bij het opstijgen of landen op de luchthaven Leonardo da Vinci.

Met dank aan clublid Frans Veevaete voor de aangeleverde tekst.

Een filmpje over de havens van Claudius en Trajanus vind je hier: https://www.youtube.com/watch?v=5cfkUQI-mQA. (klik op “door youtube browsen” indien nodig)

Praktische informatie voor een bezoek aan de havens van Claudius en Trajanus, het Museo delle Navi, Isola Sacra en Ostia antica: zie https://www.ostiaantica.beniculturali.it/en/opening-hours-tickets/.