Romeins medicijn uit oud scheepswrak geanalyseerd

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

In een ruim 2.000 jaar oud Romeins scheepswrak nabij de kust van Toscane werd een tinnen doosje met zes pillen aangetroffen. De ingrediënten daarvan zijn nu onderzocht door scheikundigen van de Universiteit van Pisa en Florence. Monsters van het fragiele materiaal toonden dierlijke en plantaardige vetten, olijfolie, zetmeel, hars en diverse zinkverbindingen aan. Olijfolie was al bekend van gebruik in vroegere parfums en medicinale bereidingen. Zetmeel was een veelvoorkomend ingrediënt van Romeinse cosmetica. Van hars en zink weten we ondertussen dat ze antibacteriële eigenschappen bezitten, dus moet de patiënt ook echt baat hebben gehad bij de behandeling met dit medicijn. Met andere woorden: het gaat om een goed werkend medicijn, dat in theorie ook vandaag nog bruikbaar zou kunnen zijn. De pillen van 4 centimeter breed en 1 centimeter dik waren overigens niet bedoeld om in te slikken. Waarschijnlijk moest de inhoud worden gemengd met water om vervolgens als een soort zalf tegen ooginfecties te gebruiken. Volgens de onderzoekers bewijzen de onderzoeksresultaten dat de farmacie in de Romeinse oudheid veel beter was ontwikkeld dan we ons vandaag kunnen indenken.

Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 24 januari 2013. Bekijk het origineel.