Een beroepsgroep die in het hele viruscircus een beetje vergeten wordt en eveneens zware economische klappen krijgt, zijn de taxichauffeurs in Rome. In normale omstandigheden zijn in Rome ongeveer 8.000 taxi’s beschikbaar, vandaag wordt slechts de helft van het aantal voertuigen ingezet.
Dat is een bewuste keuze van de taxisector. De chauffeurs, doorgaans zelfstandigen, werken al een hele tijd met wisselende diensten, een dag wel en één dag niet. Maar zelfs dan zijn er nog steeds teveel taxi’s op de baan.

Er is immers nog altijd bijzonder weinig werk. Vergeleken met dezelfde periode vorig jaar, is het aantal oproepen voor ritjes de voorbije zes maanden met 80 procent gedaald.
De reden ligt voor de hand. Er zijn nog steeds erg weinig toeristen, dus ook veel minder vervoer van en naar de luchthaven, naar het station of naar andere bestemmingen. Evenmin verdwaalde of vermoeide toeristen die in de loop van de dag of ‘s avonds snel naar hun hotel willen.
Ook de restaurants draaien op een laag pitje. Dat betekent weinig of geen klanten die aan de eetgelegenheid worden afgezet en op een later uur weer naar hun hotel worden gebracht.
Dan zijn er de vele ambtenaren en ander kantoorpersoneel die in Rome werken. Die verplaatsten zich vroeger regelmatig door de stad, voor lunches, vergaderingen of andere afspraken. Nu werken ze bijna allemaal thuis en gebeuren de meeste meetings online. Taxi’s hebben ze daarbij uiteraard niet nodig.
Voor de Romeinse taxichauffeurs heeft dat alles één gevolg: ze zien meer dan zwarte sneeuw. Hun spaargeld is op. Van het Istituto Nazionale della Previdenza Sociale (INPS) kregen ze tijdens de lockdown enkele maanden 600 euro. De regio Lazio kwam eenmalig met 800 euro over de brug. Dat volstaat natuurlijk niet om rond te komen in een stad zoals Rome en dat geld is uiteraard ook al lang op.
Lang moet de huidige toestand niet meer duren. Talrijke chauffeurs hebben letterlijk niets meer en lijden zelfs honger. Tijdens een betoging aan het hoofdkantoor van de regionale raad vroegen de taxichauffeurs aan de overheid aandacht voor hun financiële problemen. De taxisector dringt aan op betere en meer steunmaatregelen.
Dit is een demonstratie uit wanhoop. We organiseerden die zelf, zonder overleg met de vakbonden. Die zijn op de hoogte van de situatie maar er beweegt weinig, verklaarde een taxichauffeur tijdens de actie.
De taxisector is inderdaad één van de beroepsgroepen die sterk te lijden hebben onder de gevolgen van het Covid-19-virus. Door het schaarse aantal klanten krijgen ze lang niet voldoende geld binnen om rond te komen.
Een chauffeur verdient nu gemiddeld tussen de 700 en 1.000 euro per maand, tenminste als hij of zij het geluk heeft gehad om wat klanten te hebben, want vaak is het heel wat minder.
De kosten blijven echter dezelfde: sociale bijdragen, verzekering, belastingen, de vaste vergoeding om gebruik te mogen maken van de taxicentrale, het onderhoud van de wagen en natuurlijk de benzine. Reken voor dit alles op gemiddeld 500 tot 600 euro per maand.
Dan blijft er niet veel over, stelt een afgevaardigde van de Federazione Italiana Trasporti (FIT), een organisatie die op haar beurt aangesloten is bij de Confederazione Italiana Sindacati Lavoratori (CISL).
Volgens de chauffeurs heeft de viruscrisis bovendien een heleboel extra kosten meegebracht. Ze moeten nu investeren in mondmaskers en ander beschermingsmateriaal. In de taxi’s hebben de zelfstandige chauffeurs op eigen kosten wanden van plexiglas geplaatst. Gemiddelde kostprijs: 200 euro.
Nicola Di Giacobbe van de Unione Italiana Conducenti Auto Pubbliche (Unica Taxi CGIL) schetst een zeer somber beeld. Rome is niet dood, maar voor ons scheelt het niet veel. Er zijn geen grote evenementen of concerten, geen seminaries of vakbeurzen en dus ook nauwelijks zakenlui die moeten vervoerd worden. Op toeristen moeten we momenteel al helemaal niet rekenen. Vooral Amerikanen, fervente taxigebruikers, en Aziaten worden gemist.
De 8.000 taxi’s van Rome zijn er in normale omstandigheden op voorzien om de transportnoden in een stad zoals Rome te kunnen opvangen. Dat betekent dat de vier tot vijf miljoen inwoners en bezoekers in de meeste omstandigheden doorgaans vrij vlot en zonder lange wachttijden een taxi kunnen oproepen.
Door de zelf opgelegde wisselende shiften zijn er nu slechts 4.000 voertuigen beschikbaar, maar de sector schat dat 1.500 tot 2.000 taxi’s ruimschoots zouden volstaan. Meer potentieel is er momenteel niet.
Een fenomeen dat wel wordt vastgesteld is dat chauffeurs op de dagen dat ze kunnen werken vaak zeer veel uren actief zijn. Ze proberen uiteraard zoveel mogelijk ritten te doen, maar omwille van de onvermijdelijk optredende vermoeidheid aan het einde van de dag, komt dat de veiligheid niet altijd ten goede.
Sommigen verdienen ’s avonds laat, als het openbaar vervoer ermee ophoudt, nog weleens iets aan mensen die nog laat op pad zijn. Maar nu de horeca en het nachtleven weer aan strakkere banden werden gelegd, vallen ook die inkomsten weg. Restaurants gaan dicht om middernacht, nachtclubs en discotheken zijn volledig gesloten.
De sector bekijkt momenteel of het mogelijk is om nieuwe activiteiten te ontwikkelen of bijkomende diensten aan te bieden, bijvoorbeeld voor scholen, ouderen of anderen, als een soort aanvulling op het lokale openbaar vervoer.
We moeten hoe dan ook een oplossing zoeken, anders overleven we dit niet, vat Loreno Bittarelli, de president van Radiotaxi 3570 samen. Deze coöperatieve groepeert ongeveer 3.700 taxi’s in Rome en ontvangt op een gemiddelde normale dag 30.000 oproepen. Van dat aantal kan vandaag alleen maar worden gedroomd.
In enkele bijdragen schetsen we een beeld van de actuele situatie in verschillende sectoren die direct of indirect te maken krijgen met de gevolgen van de viruscrisis. Eerder kwamen in deze miniserie al de winkels en de detailhandel, de hotelsector en de restaurants aan bod.
Oorspronkelijk gepubliceerd door de stichter van S.P.Q.R. op romenieuws.wordpress.com, op 21 oktober 2020. Bekijk het origineel.

