In een korenveld bij Veio, zo’n 17 kilometer van Rome, is een graftombe ontdekt met daarin de oudste beschilderde grafkamer uit de klassieke periode die ooit in het westelijk Middellandse Zeegebied is gevonden. De unieke vondst werd mogelijk door een actie van de carabinieri en een berouwvolle grafrover. De Etruskische grafkamer, die eerder deze maand aan de pers werd getoond, is afkomstig uit 690 voor Christus en is gedecoreerd met primitieve wandschilderingen van gekleurde vogels en duistere leeuwen met opengesperde bekken. De drie nissen die ooit de overledenen en hun sieraden bevatten, waren al leeggeroofd toen de archeologen de onderaardse toegangspoort openden. Wel werden nog Grieks en inheems aardewerk en gebruiksvoorwerpen gevonden.
De carabinieri was een 82-jarige Oostenrijker op het spoor die op grote schaal bleek in te kopen van grafrovers. Door hem te schaduwen zijn 600 voorwerpen teruggevonden en is op ruim 2000 stuks beslag gelegd. De Italiaanse medeplichtigen van de Oostenrijker werden gearresteerd; in ruil voor nuttige informatie zouden ze strafvermindering krijgen. Eén van hen wees de tombe bij Veio aan. Daar werden dus unieke schilderingen aangetroffen. Zwarte lijnen in de vorm van watervogels die rood zijn ingekleurd. Archaïsche monsters met opengesperde bekken die leeuwen moeten voorstellen. De tekeningen zijn aangetroffen op zeventien kilometer ten noorden van Rome, op de plaats waar ooit de Etruskische stad Veio lag, de grootste rivaal van Rome ten tijde van haar legendarische stichter Romulus.
De vondst werd gepresenteerd door minister van Cultuur Francesco Rutelli, de vroegere burgemeester van Rome. Hij noemde het een ontdekking zonder precedent. Archeologen zijn zeer enthousiast over de grafkamer van vier bij zes meter. De schetsen van water- en trekvogels zouden symbool staan voor de reis van het leven naar de dood. De brullende leeuwen zouden de angst van de Etrusken voor die tocht symboliseren.
De vondst, zo verwacht men, zal extra inzicht verschaffen in de schilderkunst van de Oudheid. “Want hier is de basis gelegd voor wat later de Grieken en de Romeinen schilderden”, aldus archeoloog Moretti. Wellicht ook dat de vondst de experts iets nieuws leert over de mysterieuze Etrusken, van wie de taal nog steeds niet is ontcijferd en die langs de oevers van de Tiber en de Po leefden.
Archeologen vermoeden dat het graf toebehoorde aan een vorst. Zijn sarcofaag is echter niet teruggevonden. Die is waarschijnlijk gestolen en zoals veel Etruskische kunst via de zwarte markt bij privéverzamelaars of in een internationaal museum terecht gekomen. Zoals eerder gemeld voert Italië momenteel diverse rechtszaken tegen kunstrovers en tegen een ex-conservator van het Amerikaanse J. Paul Getty Museum. Dat laatste museum heeft overigens al quasi schuld bekend door een aantal kunstobjecten terug te bezorgen aan Italië. Op 7 juli zal de spijtoptant die het graf heeft aangewezen worden berecht. Justitie hoopt dat de man dan het bestaan van nog andere belangwekkende graven bekend maakt.
Dit artikel verscheen oorspronkelijk op 27 juni 2006 op het Romenieuws-archief.

