De Soevereine Militaire Orde van Malta is de derde staat in Rome

Lichte, scherpe silhouet van de Lupa Capitolina, gebruikt als vervangfoto

Een beetje verbaasd? Dat mag, want niet zoveel mensen weten dat Rome, behalve de Italiaanse president en de paus in Vaticaanstad, ook nog een derde staatshoofd ‘herbergt’. Dat is de grootmeester van de Soevereine Militaire Orde van Malta.

Inderdaad, de vorst-grootmeester van deze orde bestuurt deze soevereine staat, die echter geen “echt” grondgebied heeft. Toch zijn er zo’n 90 landen die officiële diplomatieke betrekkingen onderhouden met deze Orde van Malta.

De leider van de kleinste soevereine staat ter wereld woont aan de Via dei Condotti 68, in het hoofdhuis van de Orde der Maltezer Ridders, ook wel de hospitaalridders genoemd of johannieters naar hun patroon, Johannes de Doper.

De Orde werd gesticht in 1113 door monnik Gerardus (al situeren sommige bronnen de stichting reeds omstreeks 1070) om de zieken en gewonden tijdens de kruistochten in het Heilig Land te verzorgen en om tijdens deze gevaarlijke onderneming de (veld)hospitalen van personeel te voorzien. De Orde ging echter al spoedig ook een militaire rol spelen.

Aan het einde van de twaalfde eeuw trokken de Ridders zich terug op Rhodos, van waaruit ze, tot hun uitwijzing door de Turken in 1522, overal in het Midden-Oosten allerlei geheime operaties uitvoerden. Dat leverde hun, behalve een enorme kennis, ook een netwerk van informanten op. Daarna leidde de Orde een symbolisch bestaan op Malta, tot ze door de verovering van dit eiland door Napoleon opnieuw in ballingschap moesten, dit keer in Rome.

Op dat ogenblik waren de Ridders hun oorspronkelijke religieuze en politieke betekenis vrijwel kwijtgeraakt. Niettemin, net als een archaïsche wet die nooit is ingetrokken, bezit de Orde vreemd genoeg ook vandaag nog steeds de status en de privileges van een onafhankelijke nationale staat, met onder meer het recht om munten te slaan, postzegels te drukken, autokentekens uit te geven, een koopvaardijvloot te laten varen en paspoorten te verstrekken aan zijn diplomaten en andere begunstigde lieden.

Net als bijvoorbeeld organisaties zoals Opus Dei is de Orde ontheven van de jurisdictie van plaatselijke bisschoppen, omdat zij officieel, na zoveel eeuwen, nog steeds rechtstreeks onder het gezag van de paus valt. In de praktijk betekent dit dat de Orde vrijwel autonoom werkt.

Het (aan de buitenzijde) onopvallende paleis aan de Via dei Condotti nr. 68 is in het bezit van de Orde sinds de zeventiende eeuw. Vroeger waren de ridders gehuisvest in een residentie op het domein aan de Piazza dei Cavalieri di Malta op de Aventijn.

Dat is het pleintje waar je, wanneer je door het sleutelgat van de grote (altijd gesloten) deur kijkt, een volkomen uniek beeld ziet dat je regelmatig op postkaarten terugvindt. We verklappen lekker niet wat je precies kan zien, dat moet je zelf maar eens gaan bekijken.

In ditzelfde domein ligt ook de officiële kerk van de Orde, de Santa Maria dell’Aventino, die echter meestal de Santa Maria del Priorato wordt genoemd. Zowel het paleis, de kerk als het park er omheen zijn extra-territoriaal gebied en dus niet onderworpen aan de Italiaanse wetgeving.

Het voormelde huis aan de Via dei Condotti (een bekende Romeinse straat die je ongetwijfeld kent van de vele dure modewinkels en van het legendarische Antico Caffé Greco) is de vaste residentie van de grootmeester. Een grootmeester van de Orde van Malta krijgt in alle katholieke landen dezelfde ontvangst als een gewoon staatshoofd en wordt overeenkomstig behandeld.

De Orde is zoals gezegd volledig autonoom en nauwelijks onderworpen aan het kerkelijke gezag. De Ridders houden zich bezig met sociaal werk en kunnen eender welke nationaliteit bezitten. Ze vormen echter een zeer exclusieve en elitaire orde, omdat de kernleden minstens twee eeuwen adeldom en 16 rechtstreekse voorvaderen moeten kunnen aantonen.

Er bestaan drie klassen binnen de Orde: de religieuzen, voor wie de strikte gelofte van kuisheid, gehoorzaamheid en armoede geldt, de tweede klasse belooft louter absolute gehoorzaamheid en de derde klasse (waar ditmaal ook vrouwen worden toegelaten) legt geen religieuze beloften af maar gaat ermee akkoord een voorbeeldige en christelijke levenswandel aan te houden.

De bestuurskern van de Orde bestaat uit een dertigtal ‘geprofeste’ ridders (de Ridders van de Rechtvaardigheid). De Orde wordt effectief bestuurd door de Grootmeester, die wordt bijgestaan door een zogenaamd ‘generaal kapittel’, dat regelmatig bijeenkomt, medicijnen en medische uitrusting schenkt aan landen die het nodig hebben en haast overal in de derde wereld humanitaire arbeid verrichten.

De Ridders hebben ook vandaag nog eigen nummerborden op hun voertuigen, met de letters S.M.O.M. (Soevereine Militaire Orde van Malta). Ze geven nog steeds eigen postzegels, paspoorten en zelfs munten uit. De munteenheden zijn scudi en grani, maar deze worden echter nergens als betaalmiddel aanvaard. Het zijn louter symbolische eenheden maar ze bestaan wel en zijn zeer gegeerd bij muntenverzamelaars.

Interessant om weten is nog dat de huidige Spaanse koning Juan Carlos I op 5 januari 1938 in ditzelfde huis aan de Via dei Condotti werd geboren omdat zijn ouders op dat moment in ballingschap waren en beroep deden op de diensten van de Maltezer ridders. Als wederdienst doet de ambassade van Spanje ook vandaag nog tevens dienst als consulaat/administratief centrum voor en van de Maltezer Ridders.

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op 27 juni 2006 op het Romenieuws-archief.