De Fontana dell’Acqua Paola

fontanone 03

19 oktober 2023 —

Op de Gianicolo (Janiculumheuvel) ligt de Fontana dell’Acqua Paola. Die is veel minder bekend dat de beroemde Trevifontein, lokt amper bezoekers maar is toch even monumentaal en zelfs een van de mooiste van Rome. De Romeinen kennen het bouwwerk als il Fontanone, de grote fontein. Dit is één van de zogenaamde mostra-fonteinen die de pausen lieten oprichten om aan de bevolking te laten zien dat de watervoorziening hen nauw aan het hart lag. Tegelijk betekende zo’n fontein een blijvend schouwspel van zelfverheerlijking voor de paus in kwestie. Bovenaan dit bouwwerk zien we een adelaar en een draak, het wapen van de familie Borghese met daaronder de engelen die het wapen ondersteunen en daarboven de pauselijke tiara en sleutels.

Deze fontein werd immers gebouwd in opdracht van Paulus V (Camillo Borghese), paus van 1605 tot 1621. Ze werd tussen 1605 en 1615 gerealiseerd door Giovanni Fontana en Flaminio Ponzio. Hiervoor werd marmer gebruikt afkomstig van het Forum van Nerva. Van de Tempel van Minerva op Nerva’s forum rest ter plaatse haast niets meer: een groot gedeelte van het bouwmateriaal werd in deze fontein verwerkt. De symbolen en het wapen van de familie Borghese, draken en adelaars, zijn overal te zien.

Het water mondt uit in een groot granieten bassin dat in 1690 door Carlo Fontana aan de fontein werd toegevoegd. Dit bassin ligt onder zes granieten zuilen, waarvan er vier afkomstig zijn uit de vorige Sint-Pietersbasiliek. Het waterbassin voedt op zijn beurt kleinere fonteintjes in de stad. Het water waarmee de Vaticaanse tuinen worden besproeid is eveneens afkomstig van dezelfde bron.

fontanone 04

Eigenlijk markeert de Fontana dell’Acqua Paola het einde van een beroemd aquaduct uit de tijd van keizer Trajanus, dat water vanuit het meer van Bracciano (zo’n 30 km ten noordwesten van Rome) naar Rome bracht. Deze watervoorziening liet in de oudheid onder meer de watermolens draaien voor het malen van graan en voorzag de regio Trans Tiberim (het huidige Trastevere) van drinkbaar water. Het aquaduct van Trajanus bleef in gebruik tot het in 537 werd vernield door de Goten. Paus Paulus V zorgde voor de herstelling ervan.

De Aqua Traiana was het tiende aquaduct dat in Rome gebouwd werd. Voordien kreeg de wijk Trans Tiberim alleen drinkbaar water aangevoerd van aquaducten op de oostelijke oever van de Tiber, dat via pijpleidingen aan bruggen naar de wijk moest worden gebracht. In de eerste eeuw was de bevolking in Trans Tiberim echter sterk toegenomen en dat maakte de aanvoer van meer water noodzakelijk. Het reeds bestaande Aqua Alsietina-aquaduct had ook Trans Tiberim als eindpunt, maar voerde ondrinkbaar water aan dat alleen werd gebruikt voor het vullen van de Naumachie van Augustus en voor de landbouw.

fontanone 01

Het grootste deel van de Aqua Traiana lag op grondniveau, pas bij het naderen van de stad ging het aquaduct op arcaden boven straatniveau verder. De maximale hoogte van het aquaduct was zes meter. Doordat het hoofdreservoir op de top van de Gianicolo stond, kon men de kracht van het naar beneden stromende water gebruiken voor de aandrijving van een aantal watermolens. De kracht van het water was zelfs groot genoeg om ook de wijken van de stad op de oostelijke oever te bedienen. Via de leidingen aan de bruggen kwam zo voor het eerst water vanuit de westelijke oever het stadscentrum aan de overzijde van de rivier binnen. Het belangrijkste eindpunt waren de Thermen van Trajanus, die de keizer gelijktijdig had laten bouwen op de Oppius.

dsc06917 (2025 11 21 13 43 38 utc)

Een gedeelte van dit aquaduct staat nog steeds overeind, onder meer langs de Via Aurelia, maar ook ondergronds zijn restanten teruggevonden. In tegenstelling tot de andere aquaducten zijn er van de Aqua Traiana niet veel details meer bekend. Dit komt doordat dit aquaduct pas werd gebouwd nadat de Romeinse schrijver Frontinus zijn beroemde standaardwerk over de Romeinse watervoorziening al had geschreven, de aquis urbis Romae, ook bekend als de aquae ductu. Daarin wordt de geschiededelnis en de capaciteit van de verschillende aquaducten nauwkeurig beschreven.

Deze Nieuwsbrief herneemt een tekst van Eric Claes.